vrijdag 27 november 2015

Dompig (Commissie Ordening Goudsector) reageert gepikeerd op uitspraken Brunswijk (ABOP)

'Brunswijk heeft 12 concessies plus aantal illegale'

'Als je plotseling geen deel meer uitmaakt van de regering, ga je dan nu schoppen?'


'Brunswijk is toch goudzoeker? Naast zijn parlementariër status heeft hij twaalf concessies plus nog een aantal illegale, waar hij nog opereert. Misschien is hij boos, dat wij dat onderzoeken. Als je plotseling geen deel meer uitmaakt van de regering, ga je dan nu schoppen?' Woorden van Gerold Dompig, voorzitter van het managementteam in de Commissie Ordening Goudsector (COG), vandaag, vrijdag 27 november 2015, in het Dagblad Suriname.

Dompig is niet onder de indruk van de recente poging van het ABOP-Assembleelid Ronnie Brunswijk om middels stemmingmakerij in de media te proberen de COG in een kwaad daglicht te plaatsen door te stellen, dat er ook een onderzoek moet komen naar het reilen en zeilen van de commissie.

Hij benadrukt dat Brunswijk als volksvertegenwoordiger alle mogelijkheden en kennis heeft om zich tot de juiste instanties te wenden om zijn klacht te deponeren. In plaats dat hij dat gaat doen, gaat hij juist aan stemmingmakerij doen. Dompig stelt, dat het een duidelijk signaal is dat bepaalde figuren bang zijn voor ordening, omdat zij ook onder de ordening komen te vallen. 'Er komt een organisatie in 2011 namens de president met een presidentiële resolutie, die speciaal in het leven wordt geroepen om orde op zaken te stellen vanwege de chaos in het binnenland. Wie, die deel is van de chaos, gaat dat prettig vinden? Het is precies als een criminele organisatie, die niets wil horen van het arrestatieteam van de politie. Hun belangen komen in gevaar.'

De COG-woordvoerder zegt, dat hij gezien de geschiedenis van Brunswijk eerder naar rechtgeaarde Surinamers luistert, wanneer bepaalde kwesties over de commissie worden aangehaald. 'De naam die u net noemt, ik weet niet of ik moet luisteren. Ik heb in de politiedienst gezeten in de tijd dat Brunswijk andere dingen deed. Iedereen is nu bezig met een soort witch hunt om te kijken waar zaken niet kloppen. Ik vind het echter belangrijker dat wij de rust in het land behouden door de productie omhoog te trekken. Mensen die onze organisatie willen aanvallen, moeten eerst kijken naar hun eigen blazoen.' Hij zegt ook, dat hij mensen niet persoonlijk wil aanvallen en dat de organisatie naar alle Surinamers luistert. Het gaat echter om een kwestie van ‘wie de schoen pas, trekt hem aan’.

Dompig stelt, dat de commissie zoals elke andere organisatie ook gevallen heeft gekend, waarbij leden bezig zijn geweest met ongewenste praktijken. Deze rotte appels zijn volgens hem terstond verwijderd. In geval iemand in zijn organisatie wel over een concessie beschikt, is hij de eerste die het desbetreffende lid hierover zal aanspreken en indien nodig maatregelen zal treffen. In geval er duidelijke aanwijzingen zijn dat de COG mensen weghaalt en haar eigen leden op concessies plaatst, nodigt hij deze uit om dit aan de commissie door te geven. Volgens Dompig is dit iets waarvan de organisatie al jaren wordt beschuldigd. 'Bij mij gaan zij in ieder geval niets vinden', aldus Dompig.

Dompig zegt verder, dat commissie niet zomaar een groep van mensen is die op kantoor zit en geld opmaakt. Haar taak is om haar twaalf posten in het binnenland dusdanig te onderhouden dat zij voor de orde kan zorgen. De grootste uitgaven van de organisatie betreft de kosten voor brandstof, voeding en mobiliteit. Dit, omdat zij volgens hem in het binnenland zitten. De organisatie is vanaf de oprichting in december 2010 verplicht elke maand een bestedingsverantwoording te sturen naar het ministerie van Financiën.

De COG-voorzitter benadrukt, dat zij vanaf haar oprichting verschillende plaatsen heeft geordend. Enkele voorbeelden zijn de ontruiming van 2.500 mensen uit de Meriangoudmijn in 2011 voor Surgold en de ontruiming van 2.000 mensen uit Maripaston voor Grassalco. Dompig benadrukt dat deze daden kennelijk niet bekend zijn bij bepaalde mensen. De commissie heeft volgens hem gewerkt aan de scholing van de mijnbouwers en het terugdringen van het kwikgebruik.

Commissie Ordening Goudsector: Binnen paar dagen wordt Roma Pit van Rosebel/IAmGold ontruimd

Verwijdering illegale goudzoekers gebeurt door Commissie Ordening Goudsector, politie en leger

 
De ontruiming van de Roma Pit van de Rosebel Gold Mines/IAmGold, waar illegale goudzoekers uit Nieuw Koffiekamp bezig zijn met mijnbouwactiviteiten, vindt binnen enkele dagen plaats. Dit zegt Gerold Dompig, voorzitter van het managementteam in de Commissie Ordening Goudsector (COG), vandaag, vrijdag 27 november 2015, in het Dagblad Suriname. 

De ontruiming zal volgens Dompig in samenwerking met zowel het Nationaal Leger als de politie plaatsvinden.

'Vandaag de dag staat de organisatie aan de vooravond van de ontruiming van Roma Pit. Anderhalf jaar lang heeft IAmGold gezeten en hierdoor 10% van zijn workforce moeten afvloeien, omdat er een aantal mensen daar zit in die put die vinden dat zij het goud eruit moeten halen, omdat zij uit de omgeving komen. Dit, terwijl er een mineralenovereenkomst is tussen de Staat Suriname en de multinational', stelt de COG-manager.

Rosebel Gold Mines NV heeft de regering gevraagd dit gebied, dat aan de multinational in concessie is uitgegeven, te ontruimen van de illegale goudzoekers. De ontruiming is volgens Rosebel noodzakelijk, omdat het bedrijf in zwaar weer verkeert en geen inkomsten meer wenst mis te lopen. Vanwege de slechte financiële bedrijfssituatie is de goudmultinational ertoe overgegaan om 10%, zo'n 165 werknemers, van haar personeelsbestand in te krimpen. Als de Roma Pit wordt ontruimd, kan het verder afvloeien van werknemers worden beperkt.

De personen die bezig zijn in het gebied vinden dat de Roma Pit in het district Brokopondo niet tot de concessie van Rosebel Gold Mines/IAmGold behoort. Dit wordt tegengesproken door de overheid en de goudmaatschappij. Rosebel heeft te kennen gegeven dat gebied nodig te hebben voor mijnactiviteiten. De regering heeft in verschillende gesprekken geprobeerd deze kwestie middels dialoog op te lossen.

De commissie wil een einde aan het conflict brengen. Volgens Dompig zal de commissie de mijnbouwers van Nieuw Koffiekamp verder begeleiden naar hun alternatief werkgebied.

Den Blauwvinger: De vergeten Surinaamse ramp – Uniek Brownsberg Natuurpark dreigt verloren te gaan

COLUMN: Natuurbeschermings- organisaties, autoriteiten en een milieuactivist ontlopen hun verantwoordelijkheid

Illegale goudzoekers mogen al jarenlang werken aan vernietiging Brownsberg – Het failliet van de natuurbeschermingsorganisaties

27-11-2015  Den Blauwvinger/De Surinaamse Krant


Je kunt dan wel als Wereldnatuurfonds in Suriname nu en dan een fotorapportje en een inhoudelijk rapport met veel gevoel voor drama en publiciteit uitbrengen over de voor de biodiversiteit vernietigende werkzaamheden van vele honderden illegale goudzoekers, maar daarmee is het Brownsberg Natuurpark niet echt geholpen. Vele jaren hebben natuurbeschermingsorganisaties en een verdwaald vermeend milieuactivist – die ooit een aantal jaren heeft gewerkt bij de Stichting Natuurbehoud Suriname (Stinasu, 'beheerder' van Brownsberg) – toegekeken hoe zoetjesaan het natuurgebied werd en nog steeds wordt verwoest. Beetje bij beetje verdwijnt het van de aardbodem.

Het gaat om een vergeten Surinaamse ramp. Even kwam het natuurgebied weer in het nieuws, op 13 november, toen de Ware Tijd met het bericht kwam, dat nog steeds zo'n 1.500 illegale goudzoekers bezig zijn om het gebied nog meer te vernietigen. De krant schreef zelfs, dat de goudzoekers op weg zijn om het plateau te bereiken en een van de ministers, Steven Relyveld van Ruimtelijke ordening, Grond- en Bosbeheer, adviseerde om de Ireneval niet te bezoeken, omdat de grond niet meer stabiel is.

Krankzinnig plan Commissie Ordening Goudsector
Diezelfde minister is gelukkig ook geen voorstander van het al op zaterdag 8 september 2012 gepresenteerde krankzinnige plan van de presidentiële Commissie Ordening Goudsector om 1.200 hectare grond in de omgeving van het natuurgebied ter beschikking te stellen aan de illegale goudzoekers. De autoriteiten wilden dit gebied conform de wettelijke regelingen ter beschikking stellen van de dorpsgemeenschap in het gebied. ‘Maar, daar zijn er natuurlijk voorwaarden aan verbonden’, zo liet Gerold Dompig, het gezicht en spreekbuis van de commissie, via de media weten. De goudzoekers zouden zich moeten organiseren en zich houden aan een aantal criteria voor de bescherming van de natuur. Maar, het plan van de commissie leek eerder op het belonen van illegale porknokkers die een natuurpark hadden vernietigd, dan het beboeten of veroordelen van die goudzoekers voor hun gedrag. Anno november 2015 wachten de goudzoekers nog steeds op een nieuw werkgebied. Overigens zou in ruil voor dat stuk gebied het natuurpark uitgebreid worden met grond die grenst aan het park.

Die ene vermeende milieuactivist was overigens voorstander van het plan en werkte zelfs met de commissie mee door het plaatsen van 'OGS grensbordjes' in het natuurgebied (Ordening Goudsector Suriname). Trots werden hiervan foto's op een Facebookpagina geplaatst. Hij was het milieubeschermingsspoor volledig bijster en nog steeds.

Ook het WWF Guianas toonde zich destijds positief over dat plan. WWF-woordvoerster Karin Spong zei in mei 2014 deze aanpak als een duurzame en een realistische oplossing te zien. Vooral, zo zei ze, omdat die ruim 1.000 hectare toch al helemaal vernietigd was door goudzoekersactiviteiten. En het feit dat er in het zuiden van het park vierduizend hectare bij zou komen is ook positief, aldus Spong.
‘Dat stuk uit de officieel beschermde zone halen en een stuk in het zuiden toevoegen geeft het park de potentie zich weer in zijn oude glorie te herstellen. Het is een gebied met een ongelooflijke biodiversiteit waar bezoekers uit de hele wereld naar toe trekken om van te genieten’, zo liet Spong op 17 mei 2014 weten.

Geen echte actie, alleen mediaoptredens met kritische beschouwingen, rapportjes en foto's
Het is het typerende beeld de afgelopen jaren. Zogenoemde milieubeschermingsorganisaties en een verdwaalde milieuactivist, welke activist net zoveel weet over de natuur en de gang van zaken rond het Brownsberg Natuurpark als een doorsnee Surinamer, verschijnen in de media met hun kritische beschouwingen, rapportjes en foto's, maar daar blijft het bij, tot de dag van vandaag. Echte actie, die je zou verwachten van dergelijke organisaties en figuren, blijven echter achterwege.
Overigens geldt dat ook voor de overheid, de regeringen, de afgelopen jaren.

De mislukte 'Cean Sweep'
De regering Venetiaan voerde in het gebied in september 2007 een zogenoemde 'Clean Sweep' operatie uit. Toenmalig verantwoordelijk minister Michael Jong Tjien Fa van het ministerie van Ruimtelijke ordening, Grond- en Bosbeheer was al in juli 2007 over de misstanden in het natuurpark geïnformeerd. Volgens hem was de toestemming die aan inwoners van de gemeenschap Brownsweg was gegeven om op kleine schaal goud in het natuurreservaat te winnen, misbruikt voor meer grootschalige commerciële goudwinning.
Gedurende drie dagen werd het gebied uitgekamd door militairen, politie, bosopzichters van ’s Lands Bosbeheer en medewerkers van Stinasu. De aanwezige illegale goudzoekers werden gesommeerd het natuurpark onmiddellijk te verlaten. Enkele kampen van de goudzoekers werden vernield en er werd beslag gelegd op hun bezittingen. De autoriteiten hoopten hiermee te voorkomen dat de goudzoekers hun activiteiten toch weer zouden voortzetten.

Goudzoekers verwijderen is nu dweilen met kraan open
De acties van de regering Venetiaan om een einde te maken aan het mijnen van goud in het beschermde Brownsberg Natuurpark, bleken echter vruchteloos te zijn geweest. Eind 2010 waren gewoon weer goudzoekers aan het mijnen in het gebied. En dat is zo gebleven tot de dag van vandaag.
Het gebied is zo lek als een mandje. Constant zijn goudzoekers in het natuurgebied aan het werk. Nu en dan is een handjevol verwijderd, maar de volgende dag zijn ze weer terug. Het zijn ad hoc acties vanuit de overheid, maar zonder enig aangestuurd en gecoördineerd beleid. Zowel de regering als natuurbeschermingsorganisaties ondernemen nauwelijks actie om het gebied te beschermen. Men kijk naar en wacht op elkaar. Er is geen toezicht. De organisatie die feitelijk het gebied behoort te beschermen, de Stichting Natuurbehoud Suriname (Stinasu), heeft zelfs de aanwezigheid van illegale goudzoekers gedoogd en de directeur werd hiervoor zelfs door goudzoekers betaald. De grote organisatie Conservation International en haar Surinaamse tak zijn in geen velden of wegen te bekennen.

Noodkreet van Amerikaanse primatologe niet gehoord...
Op 28 december 2014 plaatste de Amerikaanse primatologe Marilyn Norconck, verbonden aan de Kent State Universiteit in Ohio, nog een noodkreet in Suriname media. 'In mijn werk als primatoloog heb ik zojuist een 3-weekse onderzoeksreis naar het Brownsberg Natuurpark afgerond. Ik kom al sinds 2003 naar deze magische plek, maar ik ben verontrust en ontmoedigd over de tol die de goudwinning van het park eist. Het begon als winning 'op kleine schaal', meestal door mannen uit Brownsweg, en de activiteiten waren tien jaar geleden nog relatief gering (maar wel al verstorend). Nu is de goudwinning hier diep geworteld. De berg wordt van drie of meer kanten belaagd en de onophoudelijke zoektocht naar goud heeft geresulteerd in de vernietiging van honderden hectaren bebost parkland', zo schreef zij.

'Sinds deze week banen mijnwerkers en zwaar materieel zich een weg stroomopwaarts door de bedding naar de iconische Ireneval. Dit is niet alleen een tragedie voor het land en de dieren die worden verwoest op het pad van bulldozers en graafmachines, maar het is ook een symbolische belediging aan het volk van Suriname. Ja, het zou jammer zijn om de Ireneval te verliezen. Eerdere inspanningen van verzet hebben er nooit toe geleid dat de mijnwerkers met hun machines de berg definitief verlieten. Tenzij er onmiddellijk iets gebeurt, gaat de Ireneval verloren. Dat zou op zich al tragisch genoeg zijn, maar er staat meer op het spel dan de waterval, want de Brownsberg vormt een hele gemeenschap van leven', aldus Norconk eind december 2014.

En ze schreef ook deze zeer kritische woorden: 'De Brownsberg is een van die plekken, bekend bij alle Surinamers, ongeacht of u er geweest bent of niet. Mogelijk hebt u zich niet gerealiseerd hoe bijzonder het is. Maar laat me u zeggen dat ik nog nooit een plek als deze heb gezien, en dat terwijl ik in diverse tropische bossen in Centraal- en Zuid-Amerika, in Afrika en Azië ben geweest. Van de omvang en de diversiteit van de bomen, de heldere kleuren en het uitstekende klimaat, de vele diersoorten die met slechts een beetje moeite te zien zijn, tot de zee van aaneengesloten boomkruinen helemaal tot aan het Brokopondomeer...de Brownsberg is het waard om gered te worden. En dit alles, een ongelofelijk geschenk, behoort toe aan de bevolking van Suriname, met de verantwoordelijkheid om deze te beschermen.'

Maar, haar woorden maakten geen indruk. Er werd door niemand op gereageerd. Ook op het recente artikel in de Ware Tijd is door niets en niemand gereageerd. Wie interesseert zich nog voor een uniek stuk biodiversiteit in de wereld? In Suriname werkelijk niemand. Immers, zou dat wel het geval zijn, dan zou er vandaag geen enkele goudzoeker meer te vinden zijn in het Brownsberg Natuurpark.

Een uniek stukje Suriname bloedt dood
Inmiddels is het november 2015 en iedereen die het zou moeten aangaan kijkt duimendraaiend naar elkaar en onderneemt geen enkele actie tegen de goudzoekers en voor de bescherming van het gebied. De toekomst van het natuurgebied ziet er somber uit. De wijze waarop de autoriteiten het Brownsberg Natuurpark en haar unieke biodiversiteit al jaren aan haar lot overlaten staat haaks op de wijze waarop het groene en waterrijke Suriname door diezelfde autoriteiten in de wereld wordt uitgedragen. En de vermeende (internationale) natuurbeschermingsorganisaties en die ene Brownsberg-activist? Die kijken vooral een andere richting uit, laten zich nu en dan horen en zien via de media ter eigen glorie en egostreling en nemen geen verantwoordelijkheid door zich in te spannen voor de daadwerkelijke bescherming van een in de wereld uniek stukje Suriname. Zij zouden zich diep moeten schamen. Een uniek stukje Suriname is aan het doodbloeden en geen enkele serieuze donor laat zich zien of horen.

Hoogachtend,
Den Blauwvinger
27 november 2015
Amterdam-Paramaribo