Posts gesorteerd op relevantie tonen voor zoekopdracht Sarafina. Sorteren op datum Alle posts tonen
Posts gesorteerd op relevantie tonen voor zoekopdracht Sarafina. Sorteren op datum Alle posts tonen

vrijdag 8 februari 2013

Clean Sweep-3: Matawaigebied, september 2008

Evaluatie na derde Clean Sweep-operatie regering Venetiaan


Het Matawaigebied zou het terrein worden voor de volgende, derde, Clean Sweep operatie. In het Matawaigebied, het leefgebied van de Matuariërs, opereerden Sarafina N.V. met een concessie van circa 29.000 hectare, Suriname Diamond Company met 7.200 hectare en granman Oscar Lafanti van deze marronstam op de concessie van Golden Star van 15.500 hectare. 


De directeur van Sarafina N.V., Claudetta Toney, was echter niet gediend van de aanwezigheid van militairen op de goudvelden in het binnenland. ‘Ik moet ze niet hebben op mijn concessie’, zo liet ze de pers weten. Volgens haar waren er militairen die belangen hebben in de goudsector. Militairen verleenden volgens Tony ook diensten aan individuele porknokkers, waarvoor ze betaald werden met een percentage van de goudopbrengst. ‘Het is al jaren een rommel in het binnenland met die militairen. Ordening is ordening. Ik wil ze weer hebben als ze hun werk correct doen en in nationaal belang’, aldus Tony. Ook beweerde de directeur van Sarafina dat lagere militairen die in het veld werkten, gesteund werden door ‘invloedrijke toppers die gevaarlijk kunnen worden als hun belangen worden geschaad.' Enkele van de militaire toppers zaten, aldus Claudetta Toney in De Ware Tijd van 5 september 2008, zelfs in commissies die moesten nadenken over de ordening van goudgebieden en acties zoals Clean Sweep voorbereiden.

Eenheden van het Korps Politie Suriname en het Nationaal Leger vertrokken op zaterdagochtend 20 september 2008 naar het Matawaigebied voor het uitvoeren van Clean Sweep-3. De eenheden reisden via de Sneysi-pasi, die Brownsweg met het Matawaigebied verbindt. De actie was vooral gericht op het gouddelversdorp Vila Brasil, dat veel op Benzdorp lijkt. Maar, ook Brokolonko werd bezocht. De concessie van het goudmijnbedrijf Golden Star te Vila Brazil, waar granman Oscar Lafantie ook Brazilianen in dienst had en diverse bordelen onderhield, zou niet worden aangedaan. Op zijn concessie werkten, net als in Benzdorp, vele Brazilianen. En ook daar wemelde het van economische bedrijvigheid, prostitutie en criminaliteit. De concessiehouders inden onder strenge bewaking een percentage van de opbrengsten bij vooral Brazilianen die het veldwerk verrichten, zoals ook door Grassalco werd gedaan in Benzdorp.

De actie te Vila Brasil leidde snel tot kritiek van wederom politicus Ronnie Brunswijk. Hij wilde onder andere van vicepresident Ramdien Sardjoe weten welke instructies de eenheden van Clean Sweep-3 hadden gekregen om hun acties uit te kunnen voeren. Volgens het Assembleelid zou een ‘kapitein Mori’ van het dorp Mi Sa Libi die aan goudwinning deed in het bijzijn van zijn dorpelingen, geboeid zijn afgevoerd. Het stak Brunswijk dat de politie kennelijk geen rekening had gehouden met het traditioneel gezag. ‘We begrijpen het niet meer. Als ze een kapitein meenemen, zijn ze een stap te ver gegaan. Straks gaan ze ook de granman meenemen’, aldus Brunswijk tegenover de krant De Ware Tijd van 23 september 2008. Minister Michel Felisi van het ministerie van Regionale Ontwikkeling was niet blij met de arrestatie van kapitein Morion Ijofo. ‘Ik ben zelf ook behoorlijk in verlegenheid gebracht, want dit is niet de afspraak geweest’, aldus de minister op 25 september in De Ware Tijd. Volgens de bewindsman was tijdens de interdepartementale afstemming afgesproken dat de Clean Sweep operatie niet gericht zou zijn tegen de lokale gemeenschap. De kapitein bleek niet in staat te zijn geweest om zich te legitimeren, omdat hij niet in het bezit was van een paspoort. Volgens Felisi hadden de politie en militairen moeten weten dat gezagdragers geen legitimatie bezitten. De lokale ondernemer Rudi de Zeijl informeerde president Ronald Venetiaan over de misstanden van de Clean Sweep actie. Volgens hem handelden de eenheden selectief en in opdracht van het mijnbedrijf Sarafina van Claudetta Toney. De concessie van Sarafina zou met rust zijn gelaten, terwijl anderen hardhandig werden aangepakt. ‘Dankzij Clean Sweep III en de verhaaltjes rondom Vila Brazil is het de NV Sarafina eindelijk gelukt om na ongeveer vijf jaar de directe vijanden tijdelijk te verslaan’, aldus de Zeijl. Wie Rudi de Zeijl is en wat zijn belangen waren, worden in het artikel niet vermeld.

- Begin oktober werd officieel bekend dat de politie inderdaad kapitein Morion Ijofo van Mi Sa Libi voor korte tijd had opgesloten met twaalf illegale goudzoekers, omdat zij geen vergunning hadden om goud te winnen. Na betaling van forse boetes tussen de 4.000 en 65.000 Surinaamse dollars wist advocaat Martin Misiedjan de illegalen snel vrij te krijgen. Verder werden zware machines, waaronder poclains en bulldozers en vaten benzine, in beslag genomen. Op de Saramaccarivier staken agenten twee goudpontons van illegale Braziliaanse garimpeiros ter waarde van ruim 300.000 Amerikaanse dollars in brand. Alle in beslag genomen goederen mochten van het openbaar ministerie worden teruggegeven aan de eigenaren, maar niet meer worden gebruikt in gebieden waar illegaal goud gewonnen werd. Tegenover journalisten verklaarde Ijofo, dat binnenlandbewoners al jarenlang probleemloos goud winnen in de traditionele gebieden, zoals Vila Brasil. ‘De dorpen zijn voor hun ontwikkeling deels afhankelijk zijn van de inkomsten verkregen uit goudwinningsactiviteiten.’ -

Verder zouden de autoriteiten de indruk hebben gewekt, dat de Clean Sweep operatie zich alleen zou richten op de aanwezigheid van illegale goudzoekers en illegale activiteiten en niet op de lokale bevolking die haar broodwinning vindt in het gebied rond het dorp. Volgens het Vredesakkoord van 1992 mogen marrons binnen een lijn van vijf kilometer een middel van bestaan hebben. Brunswijk vroeg zich af of het Clean Sweep beleid was gewijzigd, omdat in het Lawagebied en Benzdorp het traditioneel gezag wèl met de nodige voorzichtigheid werden benaderd.

De Clean Sweep acties tegen vooral Brazilianen, bleven niet onopgemerkt in Brazilië. Het Braziliaanse parlementslid Márcio Henrique Junqueira Pereira kwam eind september 2008 zelfs naar Suriname om te spreken met minister Chandrikapersad Santohki van het ministerie van Justitie en Politie. De Braziliaanse democraat was niet te spreken over de wijze waarop tijdens de Clean Sweep acties de Braziliaanse garimpeiros werden aangepakt door de politie en het leger. Junqueira vroeg om de acties tegen illegale Brazilianen in de goudvelden tijdelijk te beëindigen. De politicus liet weten dat hij had vernomen dat Brazilianen door de Clean Sweep acties in de problemen waren gekomen. Het gesprek met de Surinaamse minister had tot resultaat dat deze verklaarde dat niet meer tegen Brazilianen in het binnenland zou worden opgetreden. De Braziliaanse politicus liet tegenover de Surinaamse krant De Ware Tijd op 26 september 2008 weten ‘dat zijn landgenoten Suriname als hun tweede thuisland zien en ook fors investeren in het land.’ Verder verklaarde Junqueira dat de mythe dat de garimpeiros naar Suriname waren uitgeweken om de rijkdommen naar hun eigen land te brengen, naar het land der fabelen moest worden verwezen. Parlementariër Junqueira bezocht op 2 oktober 2008 met een officiële Braziliaanse delegatie en met vertegenwoordigers van binnenlandse organisaties, illegale garimpeiros, advocaat Martin Misiedjan en enkele journalisten een bezoek aan Vila Brasil, grenzend aan de Saramaccarivier in het district Sipaliwini. Het bezoek stond in het kader van een integraal onderzoek waarbij Brazilië de gevolgen inventariseerde die de Clean Sweep operatie had voor met name illegale Braziliaanse goudzoekers. Een journalist van de krant Times of Suriname deed op 3 oktober 2008 verslag van het bezoek aan Vila Brazil. Hij schreef onder andere: ‘Nog zichtbaarder is de wijze waarop het milieu is aangetast door de goudwinning. De vele kleine en grote kraters spreken voor zich. Vanwege het overmatige kwikgebruik is het rivierwater in deze gebieden niet geschikt als drinkwater en zitten zelfs de vissen vol kwik. De gemeenschap staat daardoor bloot aan kwikvergiftiging; het gevaar is zo groot, dat vanuit onder meer het ministerie van Volksgezondheid geadviseerd is om voorzichtig te zijn met het eten van vis. De verontreiniging van hun milieu weerhoudt binnenlandbewoners er niet van de illegale Braziliaanse goudzoekers met open armen te ontvangen.’

Alle negatieve kritiek uit de Surinaamse samenleving en uit buurland Brazilië op Clean Sweep, zat het ministerie van Justitie en Politie hoog. Zo hoog, dat het ministerie op 27 september 2008 verklaarde dat de acties waren uitgevoerd door het openbaar ministerie, onder leiding van de procureur-generaal. ‘Ze hebben het karakter ernstige strafbare feiten op te sporen, te vervolgen en te berechten, waaronder de grootschalige ernstige milieucriminaliteit, c.q milieuvervuiling’, aldus het ministerie. ‘De operatie richt zich ook tegen het in georganiseerd verband illegaal mijnen en andere strafbare feiten hieraan gerelateerd zoals: mensenhandel en wapenhandel. Het ministerie van Justitie en Politie staat open voor alle signalen en zorgpunten van deze operaties van zowel de lokale als de Braziliaanse gemeenschap. Tegen deze achtergrond, zal aan de procureur-generaal worden gevraagd de operatie te evalueren en op basis van het evaluatieresultaat eventueel bij te stellen. Tot nog toe zijn er reeds drie operaties uitgevoerd, welke gekwalificeerd kunnen worden als effectief en succesvol. De bedoeling van deze operaties is om te werken aan volledige ordening van het binnenland en het wederom doen gelden van wet en recht op het totale grondgebied van de Republiek Suriname.’

Evaluatie

De ministers van Justitie en Politie, Regionale Ontwikkeling, Transport, Communicatie en Toerisme, Natuurlijke Hulpbronnen, Defensie en Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu evalueerden in de eerste week van februari 2009 met het Openbaar Ministerie de operaties Clean Sweep. De ministers en juristen waren allen van mening dat een structurele aanpak van de kleinschalige goudsector noodzakelijk is en dat alle geconstateerde overtredingen en misdrijven beleidsmatig zouden moeten worden opgelost. In een speciaal uitgebracht persbericht schreef het ministerie van Justitie en Politie: ‘Het komt erop neer dat de lokale bevolking ook recht heeft op middelen van bestaan en daar zal zeker aan gewerkt worden.’

De Clean Sweep acties waren, aldus het ministerie van Justitie en Politie, erop gericht om illegaliteit in de goudsector te bestrijden, criminaliteit op te sporen en milieudreigingen in het binnenland aan te pakken. Het ministerie was van oordeel, dat de acties ‘succesvol’ waren en deed aanbevelingen voor een structurele oplossing om het overheidsgezag in het binnenland te herstellen. Minister Gregory Rusland van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen wees op het belang van de koppeling van de Mijnbouwwet met de Wet op Economische Delicten. Deze koppeling heeft de aanpak van de illegaliteit op de goudvelden vereenvoudigd en heeft het openbaar ministerie meer ruimte gegeven om strafrechtelijk op te treden.

Ondanks de positieve evaluatiegeluiden uit de ministeries, waren milieudeskundigen en goudconcessionarissen minder te spreken over de behaalde Clean Sweep resultaten. Zij zeiden, dat Suriname wellicht nooit in staat zou zijn om de illegaliteit in de kleinschalige goudwinning uit te bannen. Door de goudkoorts, opgelaaid door zeer hoge wereldmarktprijzen voor goud, zullen porknokkers en garimpeiros het binnenland in blijven trekken om te genezen van hun goudkoorts. De kritikasters van de drie uitgevoerde Clean Sweep acties van het leger en de politie waren van mening dat de illegaliteit structureel in een legale sfeer gebracht moest worden. Volgens het Wereld Natuur Fonds (WWF) Guiana’s was een van de pluspunten van de schoonmaakacties, dat illegale buitenlanders in de goudsector zich bundelden om hun belangen te behartigen. ‘Maar de aanpak zorgde er wel voor, dat de illegale goudzoekers zich in nog moeilijker te bereiken gebieden hebben genesteld, wetende dat transport om hun te bereiken nog altijd een probleem voor de overheid is’, aldus het WWF. Verder betreurde de natuurbeschermingsorganisatie het, dat Suriname nog geen wetgeving heeft die goudzoekers ertoe kan dwingen om met kwik verontreinigd water rechtstreeks in bestaande wateren te loodsen of te verbranden in de open lucht.

Alle kritieken werden door minister Rusland gepareerd door op te merken, dat het de bedoeling was om wetgeving te formuleren met alle betrokkenen. Dat dat allemaal lang duurde, werd volgens de bewindsman simpelweg veroorzaakt door het ontbreken van deskundigheid.

Om definitief en op een vreedzame wijze in overleg met betrokkenen een einde te maken aan de wanorde en anarchie op de goudvelden in het Surinaamse binnenland, werd in december 2010 door de regering Bouterse-Ameerali de presidentiële Commissie Ordening Goudsector geïnstalleerd.

Door: Paul Kraaijer

Clean Sweep-3: Matawaigebied, september 2008

Evaluatie na derde Clean Sweep-operatie regering Venetiaan


Het Matawaigebied zou het terrein worden voor de volgende, derde, Clean Sweep operatie. In het Matawaigebied, het leefgebied van de Matuariërs, opereerden Sarafina N.V. met een concessie van circa 29.000 hectare, Suriname Diamond Company met 7.200 hectare en granman Oscar Lafanti van deze marronstam op de concessie van Golden Star van 15.500 hectare. 


De directeur van Sarafina N.V., Claudetta Toney, was echter niet gediend van de aanwezigheid van militairen op de goudvelden in het binnenland. ‘Ik moet ze niet hebben op mijn concessie’, zo liet ze de pers weten. Volgens haar waren er militairen die belangen hebben in de goudsector. Militairen verleenden volgens Tony ook diensten aan individuele porknokkers, waarvoor ze betaald werden met een percentage van de goudopbrengst. ‘Het is al jaren een rommel in het binnenland met die militairen. Ordening is ordening. Ik wil ze weer hebben als ze hun werk correct doen en in nationaal belang’, aldus Tony. Ook beweerde de directeur van Sarafina dat lagere militairen die in het veld werkten, gesteund werden door ‘invloedrijke toppers die gevaarlijk kunnen worden als hun belangen worden geschaad.' Enkele van de militaire toppers zaten, aldus Claudetta Toney in De Ware Tijd van 5 september 2008, zelfs in commissies die moesten nadenken over de ordening van goudgebieden en acties zoals Clean Sweep voorbereiden.

Eenheden van het Korps Politie Suriname en het Nationaal Leger vertrokken op zaterdagochtend 20 september 2008 naar het Matawaigebied voor het uitvoeren van Clean Sweep-3. De eenheden reisden via de Sneysi-pasi, die Brownsweg met het Matawaigebied verbindt. De actie was vooral gericht op het gouddelversdorp Vila Brasil, dat veel op Benzdorp lijkt. Maar, ook Brokolonko werd bezocht. De concessie van het goudmijnbedrijf Golden Star te Vila Brazil, waar granman Oscar Lafantie ook Brazilianen in dienst had en diverse bordelen onderhield, zou niet worden aangedaan. Op zijn concessie werkten, net als in Benzdorp, vele Brazilianen. En ook daar wemelde het van economische bedrijvigheid, prostitutie en criminaliteit. De concessiehouders inden onder strenge bewaking een percentage van de opbrengsten bij vooral Brazilianen die het veldwerk verrichten, zoals ook door Grassalco werd gedaan in Benzdorp.

De actie te Vila Brasil leidde snel tot kritiek van wederom politicus Ronnie Brunswijk. Hij wilde onder andere van vicepresident Ramdien Sardjoe weten welke instructies de eenheden van Clean Sweep-3 hadden gekregen om hun acties uit te kunnen voeren. Volgens het Assembleelid zou een ‘kapitein Mori’ van het dorp Mi Sa Libi die aan goudwinning deed in het bijzijn van zijn dorpelingen, geboeid zijn afgevoerd. Het stak Brunswijk dat de politie kennelijk geen rekening had gehouden met het traditioneel gezag. ‘We begrijpen het niet meer. Als ze een kapitein meenemen, zijn ze een stap te ver gegaan. Straks gaan ze ook de granman meenemen’, aldus Brunswijk tegenover de krant De Ware Tijd van 23 september 2008. Minister Michel Felisi van het ministerie van Regionale Ontwikkeling was niet blij met de arrestatie van kapitein Morion Ijofo. ‘Ik ben zelf ook behoorlijk in verlegenheid gebracht, want dit is niet de afspraak geweest’, aldus de minister op 25 september in De Ware Tijd. Volgens de bewindsman was tijdens de interdepartementale afstemming afgesproken dat de Clean Sweep operatie niet gericht zou zijn tegen de lokale gemeenschap. De kapitein bleek niet in staat te zijn geweest om zich te legitimeren, omdat hij niet in het bezit was van een paspoort. Volgens Felisi hadden de politie en militairen moeten weten dat gezagdragers geen legitimatie bezitten. De lokale ondernemer Rudi de Zeijl informeerde president Ronald Venetiaan over de misstanden van de Clean Sweep actie. Volgens hem handelden de eenheden selectief en in opdracht van het mijnbedrijf Sarafina van Claudetta Toney. De concessie van Sarafina zou met rust zijn gelaten, terwijl anderen hardhandig werden aangepakt. ‘Dankzij Clean Sweep III en de verhaaltjes rondom Vila Brazil is het de NV Sarafina eindelijk gelukt om na ongeveer vijf jaar de directe vijanden tijdelijk te verslaan’, aldus de Zeijl. Wie Rudi de Zeijl is en wat zijn belangen waren, worden in het artikel niet vermeld.

- Begin oktober werd officieel bekend dat de politie inderdaad kapitein Morion Ijofo van Mi Sa Libi voor korte tijd had opgesloten met twaalf illegale goudzoekers, omdat zij geen vergunning hadden om goud te winnen. Na betaling van forse boetes tussen de 4.000 en 65.000 Surinaamse dollars wist advocaat Martin Misiedjan de illegalen snel vrij te krijgen. Verder werden zware machines, waaronder poclains en bulldozers en vaten benzine, in beslag genomen. Op de Saramaccarivier staken agenten twee goudpontons van illegale Braziliaanse garimpeiros ter waarde van ruim 300.000 Amerikaanse dollars in brand. Alle in beslag genomen goederen mochten van het openbaar ministerie worden teruggegeven aan de eigenaren, maar niet meer worden gebruikt in gebieden waar illegaal goud gewonnen werd. Tegenover journalisten verklaarde Ijofo, dat binnenlandbewoners al jarenlang probleemloos goud winnen in de traditionele gebieden, zoals Vila Brasil. ‘De dorpen zijn voor hun ontwikkeling deels afhankelijk zijn van de inkomsten verkregen uit goudwinningsactiviteiten.’ -

Verder zouden de autoriteiten de indruk hebben gewekt, dat de Clean Sweep operatie zich alleen zou richten op de aanwezigheid van illegale goudzoekers en illegale activiteiten en niet op de lokale bevolking die haar broodwinning vindt in het gebied rond het dorp. Volgens het Vredesakkoord van 1992 mogen marrons binnen een lijn van vijf kilometer een middel van bestaan hebben. Brunswijk vroeg zich af of het Clean Sweep beleid was gewijzigd, omdat in het Lawagebied en Benzdorp het traditioneel gezag wèl met de nodige voorzichtigheid werden benaderd.

De Clean Sweep acties tegen vooral Brazilianen, bleven niet onopgemerkt in Brazilië. Het Braziliaanse parlementslid Márcio Henrique Junqueira Pereira kwam eind september 2008 zelfs naar Suriname om te spreken met minister Chandrikapersad Santohki van het ministerie van Justitie en Politie. De Braziliaanse democraat was niet te spreken over de wijze waarop tijdens de Clean Sweep acties de Braziliaanse garimpeiros werden aangepakt door de politie en het leger. Junqueira vroeg om de acties tegen illegale Brazilianen in de goudvelden tijdelijk te beëindigen. De politicus liet weten dat hij had vernomen dat Brazilianen door de Clean Sweep acties in de problemen waren gekomen. Het gesprek met de Surinaamse minister had tot resultaat dat deze verklaarde dat niet meer tegen Brazilianen in het binnenland zou worden opgetreden. De Braziliaanse politicus liet tegenover de Surinaamse krant De Ware Tijd op 26 september 2008 weten ‘dat zijn landgenoten Suriname als hun tweede thuisland zien en ook fors investeren in het land.’ Verder verklaarde Junqueira dat de mythe dat de garimpeiros naar Suriname waren uitgeweken om de rijkdommen naar hun eigen land te brengen, naar het land der fabelen moest worden verwezen. Parlementariër Junqueira bezocht op 2 oktober 2008 met een officiële Braziliaanse delegatie en met vertegenwoordigers van binnenlandse organisaties, illegale garimpeiros, advocaat Martin Misiedjan en enkele journalisten een bezoek aan Vila Brasil, grenzend aan de Saramaccarivier in het district Sipaliwini. Het bezoek stond in het kader van een integraal onderzoek waarbij Brazilië de gevolgen inventariseerde die de Clean Sweep operatie had voor met name illegale Braziliaanse goudzoekers. Een journalist van de krant Times of Suriname deed op 3 oktober 2008 verslag van het bezoek aan Vila Brazil. Hij schreef onder andere: ‘Nog zichtbaarder is de wijze waarop het milieu is aangetast door de goudwinning. De vele kleine en grote kraters spreken voor zich. Vanwege het overmatige kwikgebruik is het rivierwater in deze gebieden niet geschikt als drinkwater en zitten zelfs de vissen vol kwik. De gemeenschap staat daardoor bloot aan kwikvergiftiging; het gevaar is zo groot, dat vanuit onder meer het ministerie van Volksgezondheid geadviseerd is om voorzichtig te zijn met het eten van vis. De verontreiniging van hun milieu weerhoudt binnenlandbewoners er niet van de illegale Braziliaanse goudzoekers met open armen te ontvangen.’

Alle negatieve kritiek uit de Surinaamse samenleving en uit buurland Brazilië op Clean Sweep, zat het ministerie van Justitie en Politie hoog. Zo hoog, dat het ministerie op 27 september 2008 verklaarde dat de acties waren uitgevoerd door het openbaar ministerie, onder leiding van de procureur-generaal. ‘Ze hebben het karakter ernstige strafbare feiten op te sporen, te vervolgen en te berechten, waaronder de grootschalige ernstige milieucriminaliteit, c.q milieuvervuiling’, aldus het ministerie. ‘De operatie richt zich ook tegen het in georganiseerd verband illegaal mijnen en andere strafbare feiten hieraan gerelateerd zoals: mensenhandel en wapenhandel. Het ministerie van Justitie en Politie staat open voor alle signalen en zorgpunten van deze operaties van zowel de lokale als de Braziliaanse gemeenschap. Tegen deze achtergrond, zal aan de procureur-generaal worden gevraagd de operatie te evalueren en op basis van het evaluatieresultaat eventueel bij te stellen. Tot nog toe zijn er reeds drie operaties uitgevoerd, welke gekwalificeerd kunnen worden als effectief en succesvol. De bedoeling van deze operaties is om te werken aan volledige ordening van het binnenland en het wederom doen gelden van wet en recht op het totale grondgebied van de Republiek Suriname.’

Evaluatie

De ministers van Justitie en Politie, Regionale Ontwikkeling, Transport, Communicatie en Toerisme, Natuurlijke Hulpbronnen, Defensie en Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu evalueerden in de eerste week van februari 2009 met het Openbaar Ministerie de operaties Clean Sweep. De ministers en juristen waren allen van mening dat een structurele aanpak van de kleinschalige goudsector noodzakelijk is en dat alle geconstateerde overtredingen en misdrijven beleidsmatig zouden moeten worden opgelost. In een speciaal uitgebracht persbericht schreef het ministerie van Justitie en Politie: ‘Het komt erop neer dat de lokale bevolking ook recht heeft op middelen van bestaan en daar zal zeker aan gewerkt worden.’

De Clean Sweep acties waren, aldus het ministerie van Justitie en Politie, erop gericht om illegaliteit in de goudsector te bestrijden, criminaliteit op te sporen en milieudreigingen in het binnenland aan te pakken. Het ministerie was van oordeel, dat de acties ‘succesvol’ waren en deed aanbevelingen voor een structurele oplossing om het overheidsgezag in het binnenland te herstellen. Minister Gregory Rusland van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen wees op het belang van de koppeling van de Mijnbouwwet met de Wet op Economische Delicten. Deze koppeling heeft de aanpak van de illegaliteit op de goudvelden vereenvoudigd en heeft het openbaar ministerie meer ruimte gegeven om strafrechtelijk op te treden.

Ondanks de positieve evaluatiegeluiden uit de ministeries, waren milieudeskundigen en goudconcessionarissen minder te spreken over de behaalde Clean Sweep resultaten. Zij zeiden, dat Suriname wellicht nooit in staat zou zijn om de illegaliteit in de kleinschalige goudwinning uit te bannen. Door de goudkoorts, opgelaaid door zeer hoge wereldmarktprijzen voor goud, zullen porknokkers en garimpeiros het binnenland in blijven trekken om te genezen van hun goudkoorts. De kritikasters van de drie uitgevoerde Clean Sweep acties van het leger en de politie waren van mening dat de illegaliteit structureel in een legale sfeer gebracht moest worden. Volgens het Wereld Natuur Fonds (WWF) Guiana’s was een van de pluspunten van de schoonmaakacties, dat illegale buitenlanders in de goudsector zich bundelden om hun belangen te behartigen. ‘Maar de aanpak zorgde er wel voor, dat de illegale goudzoekers zich in nog moeilijker te bereiken gebieden hebben genesteld, wetende dat transport om hun te bereiken nog altijd een probleem voor de overheid is’, aldus het WWF. Verder betreurde de natuurbeschermingsorganisatie het, dat Suriname nog geen wetgeving heeft die goudzoekers ertoe kan dwingen om met kwik verontreinigd water rechtstreeks in bestaande wateren te loodsen of te verbranden in de open lucht.

Alle kritieken werden door minister Rusland gepareerd door op te merken, dat het de bedoeling was om wetgeving te formuleren met alle betrokkenen. Dat dat allemaal lang duurde, werd volgens de bewindsman simpelweg veroorzaakt door het ontbreken van deskundigheid.

Om definitief en op een vreedzame wijze in overleg met betrokkenen een einde te maken aan de wanorde en anarchie op de goudvelden in het Surinaamse binnenland, werd in december 2010 door de regering Bouterse-Ameerali de presidentiële Commissie Ordening Goudsector geïnstalleerd.

Door: Paul Kraaijer

woensdag 5 juni 2013

Eerste legale gebied voor kleinschalige goudzoekers aangewezen

Illegale goudzoekers krijgen 7.000 hectare cadeau van Commissie Ordening Goudsector

Beloning voor illegale milieuvernietiging

Asabina: 'Commissie mag niet zo'n groot gebied zonder toestemming Assemblee toewijzen'

05-06-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - De Ware Tijd bericht vandaag dat de Commissie Ordening Goudsector (COG) gisteren, dinsdag 4 juni 2013, een gebied van maar liefst 70.000 hectare (zie: Noot) 'heeft aangewezen' - ofwel cadeau heeft gedaan aan - kleinschalige goudzoekers.

Journaliste Astrid van Oosterum schrijft verder dat het gebied zou liggen in de buurt van Sarafina, niet ver van de weg naar Atjoni, en dat het bestemd is voor die goudzoekers die nu nog illegaal werkzaam zijn in het concessiegebied van de Canadese goudmijnmultinational IAmGold, eigenaar van de Rosebel goudmijn.

Overigens gaat het niet om een gemeenschap met de naam Sarafina, maar om het goudbedrijf met die naam van Claudetta Toney....kennelijk is de journaliste niet bekend met de naam Sarafina en is ook niet de moeite genomen om die naam, Sarafina, te verifiëren. 
Volgens de krant zullen ruim 30.000 illegale porknokkers een concessie krijgen, waardoor ze meteen een legale status hebben verworven. Maar, dat betekent dan wel, aldus Van Oosterum, dat ze belasting zullen moeten gaan betalen en op een milieuvriendelijke manier moeten gaan werken.

Het wordt wel, zo schrijft ze, makkelijker om leningen te krijgen. Maar, het fonds dat speciaal hiervoor in het leven zou worden geroepen, is er nog steeds niet. De COG had lange tijd terug geopperd, dat een fonds in het leven zou worden geroepen, waar kleinschalige goudzoekers een beroep op zouden kunnen doen om de aanschaf van milieuvriendelijke goudwinningsapparatuur te kunnen financieren. Apparatuur die zonder financiering voor de goudzoekers niet haalbaar zou zijn.

Gerold Dompig, voorzitter van het Managementteam van de commissie, spreekt van een bijzondere dag. 'Het de eerste zone waarvoor de regering beschikking heeft gegeven voor deze vorm van mijnbouw. Twee jaar nadat de commissie is ingesteld, kunnen we eindelijk tegen die jongens zeggen; dit is jullie gebied.'

De komende weken moeten de goudzoekers zich laten registreren om aanspraak te kunnen maken op een beschikking.

Het BEP-Assembleelid Ronny Asabina, deskundig als het gaat om de kleinschalige goudwinning, laat mij in een reactie vandaag, 5 juni 2013, het volgende weten:

'Het is langer dan een jaar dat gebieden aan de jongens zijn beloofd. Ik heb zondag jongstleden van de jongens van de goudzoekersorganisatie Macamboa in Nieuw Koffiekamp begrepen, dat zij een telefoontje van Dompig hebben gehad, met als inhoud dat in de loop van deze week het startsein zou worden gegeven voor de aanleg van een weg naar een gebied dat voor hun is afgebakend. Alleen hebben zij de rechten nog niet verkregen. 
Vorig jaar had ik een gesprek met Chris Healy die door de Commissie Ordening Goudsector was aangetrokken in het kader van de ordening. Hij informeerde mij, dat hij zich zal inzetten om de ordening in goede banen te leiden. Hij zou zijn gekomen met het model van 'community'rechten in de kleinschalige goudwinning. Healy wees mij op een artikel in de Mijnbouwwet waarop het idee zou zijn gestoeld. Na de afbakening en toestemming van de minister van Natuurlijke Hulpbronnen is het de bedoeling dat de dorpelingen individuele rechten mogen aanvragen, nadat de overheid onderzoek zou hebben gedaan naar goudvoorkomens in het gebied.'

Volgens Asabina kan de commissie niet eens zonder toestemming van de De Nationale Assemblee zo'n groot stuk terrein toewijzen. 'Overigens is de commissie niet bevoegd om concessies uit te geven. Het mandaat heeft men niet. Ik hoop niet dat mevrouw Toney van Sarafina N.V. een forse vergoeding krijgt, omdat de weg dwars door haar concessie moet lopen. We blijven de ontwikkelingen afwachten.'

'Het gebied dat is afgebakend en of zal worden afgebakend ligt overigens in het Matawaigebied, een andere marronstam. Ik weet dat de Matuariers nog steeds fel gekant zijn tegen het feit, dat de 'Koffiekampers' op last van de toenmalige regering, dus regeerperiode 2000-2005, hen heeft verwijderd uit gebieden die thans bekend staat als lucratieve concessiegebieden van IAmGold/Rosebel Gold Mines NV. Het moest heten, dat alleen Koffiekampers in die omgeving goudwinningsactivitieiten mochten uitvoeren. Uiteindelijk zitten zij zelf met de gebakken peren, omdat zij ook niet mochten mijnen. In eerste instantie werd aan de Koffiekampers door de Commissie Ordening Goudsector voorgehouden, dat zij een gebied groot 8000 hectare. zouden krijgen. Als ik de info van de jongens van Macamboa mag geloven, dan is de oppervlakte teruggebracht.'

Noot:
Een dag later bericht Astrid van Oosterum in de Ware Tijd dat het gaat om een gebied van 7.000 (!) hectare en niet zoals zij gisteren berichtte 70.000 hectare:

'Het gebied ligt wat verder dan het terrein van goudbedrijf Sarafina, op een goed eind verwijderd van de weg naar Atjoni. Dit beleid om speciale concessies uit te geven aan kleine goudzoekers was al eerder door de regering aangekondigd en krijgt zeker een vervolg. OGS-voorzitter Gerold Dompig heeft zijn oog laten vallen op nog zeker drie andere gebieden die gebruikt kunnen worden voor goudwinning door kleine, lokale goudzoekers. 

OGS-voorzitter Gerold Dompig sprak dinsdag bij de officiële opening van het goudzoekersterrein van een bijzondere dag. 'Het is de eerste zone waarvoor de regering beschikking heeft gegeven. Nu kunnen we eindelijk tegen die jongens zeggen. Dit is jullie gebied.' 

Porknokkers van Nieuw-Koffiekamp, Meriangebied en Brownsberg krijgen totaal 22.000 hectare aan concessie. Dit eerste gebied van 7.000 hectare is allereerst bestemd voor de kleine goudzoekers die nu illegaal werken op de concessie van IAmGold. 'Het gebied valt voor een klein deel in het Matawaigebied. 'De president wees mij daarop en vroeg mij hoe ik dat denk aan te pakken', vertelde Dompig. Hij voorziet dat er via dialoog ook geregeld kan worden dat de bewoners van Matawai ook beschikkingen kunnen krijgen.

Voor de Paramaccaners, die uit het Meriamgebied zijn verwijderd, moet er nog 7.000 hectare in het Marcusgebied vrijkomen, terwijl de porknokkers van Brownsberg 8.000 hectare toegewezen moeten krijgen. Het gaat om ruim 1.500 personen die verspreid over de drie gebieden zullen werken. De concessies zullen verkaveld worden en elke dorpeling kan, onder bepaalde voorwaarden, een kavel aanvragen.'

Eerste legale gebied voor kleinschalige goudzoekers aangewezen

Illegale goudzoekers krijgen 7.000 hectare cadeau van Commissie Ordening Goudsector

Beloning voor illegale milieuvernietiging

Asabina: 'Commissie mag niet zo'n groot gebied zonder toestemming Assemblee toewijzen'

05-06-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - De Ware Tijd bericht vandaag dat de Commissie Ordening Goudsector (COG) gisteren, dinsdag 4 juni 2013, een gebied van maar liefst 70.000 hectare (zie: Noot) 'heeft aangewezen' - ofwel cadeau heeft gedaan aan - kleinschalige goudzoekers.

Journaliste Astrid van Oosterum schrijft verder dat het gebied zou liggen in de buurt van Sarafina, niet ver van de weg naar Atjoni, en dat het bestemd is voor die goudzoekers die nu nog illegaal werkzaam zijn in het concessiegebied van de Canadese goudmijnmultinational IAmGold, eigenaar van de Rosebel goudmijn.

Overigens gaat het niet om een gemeenschap met de naam Sarafina, maar om het goudbedrijf met die naam van Claudetta Toney....kennelijk is de journaliste niet bekend met de naam Sarafina en is ook niet de moeite genomen om die naam, Sarafina, te verifiëren. 
Volgens de krant zullen ruim 30.000 illegale porknokkers een concessie krijgen, waardoor ze meteen een legale status hebben verworven. Maar, dat betekent dan wel, aldus Van Oosterum, dat ze belasting zullen moeten gaan betalen en op een milieuvriendelijke manier moeten gaan werken.

Het wordt wel, zo schrijft ze, makkelijker om leningen te krijgen. Maar, het fonds dat speciaal hiervoor in het leven zou worden geroepen, is er nog steeds niet. De COG had lange tijd terug geopperd, dat een fonds in het leven zou worden geroepen, waar kleinschalige goudzoekers een beroep op zouden kunnen doen om de aanschaf van milieuvriendelijke goudwinningsapparatuur te kunnen financieren. Apparatuur die zonder financiering voor de goudzoekers niet haalbaar zou zijn.

Gerold Dompig, voorzitter van het Managementteam van de commissie, spreekt van een bijzondere dag. 'Het de eerste zone waarvoor de regering beschikking heeft gegeven voor deze vorm van mijnbouw. Twee jaar nadat de commissie is ingesteld, kunnen we eindelijk tegen die jongens zeggen; dit is jullie gebied.'

De komende weken moeten de goudzoekers zich laten registreren om aanspraak te kunnen maken op een beschikking.

Het BEP-Assembleelid Ronny Asabina, deskundig als het gaat om de kleinschalige goudwinning, laat mij in een reactie vandaag, 5 juni 2013, het volgende weten:

'Het is langer dan een jaar dat gebieden aan de jongens zijn beloofd. Ik heb zondag jongstleden van de jongens van de goudzoekersorganisatie Macamboa in Nieuw Koffiekamp begrepen, dat zij een telefoontje van Dompig hebben gehad, met als inhoud dat in de loop van deze week het startsein zou worden gegeven voor de aanleg van een weg naar een gebied dat voor hun is afgebakend. Alleen hebben zij de rechten nog niet verkregen. 
Vorig jaar had ik een gesprek met Chris Healy die door de Commissie Ordening Goudsector was aangetrokken in het kader van de ordening. Hij informeerde mij, dat hij zich zal inzetten om de ordening in goede banen te leiden. Hij zou zijn gekomen met het model van 'community'rechten in de kleinschalige goudwinning. Healy wees mij op een artikel in de Mijnbouwwet waarop het idee zou zijn gestoeld. Na de afbakening en toestemming van de minister van Natuurlijke Hulpbronnen is het de bedoeling dat de dorpelingen individuele rechten mogen aanvragen, nadat de overheid onderzoek zou hebben gedaan naar goudvoorkomens in het gebied.'

Volgens Asabina kan de commissie niet eens zonder toestemming van de De Nationale Assemblee zo'n groot stuk terrein toewijzen. 'Overigens is de commissie niet bevoegd om concessies uit te geven. Het mandaat heeft men niet. Ik hoop niet dat mevrouw Toney van Sarafina N.V. een forse vergoeding krijgt, omdat de weg dwars door haar concessie moet lopen. We blijven de ontwikkelingen afwachten.'

'Het gebied dat is afgebakend en of zal worden afgebakend ligt overigens in het Matawaigebied, een andere marronstam. Ik weet dat de Matuariers nog steeds fel gekant zijn tegen het feit, dat de 'Koffiekampers' op last van de toenmalige regering, dus regeerperiode 2000-2005, hen heeft verwijderd uit gebieden die thans bekend staat als lucratieve concessiegebieden van IAmGold/Rosebel Gold Mines NV. Het moest heten, dat alleen Koffiekampers in die omgeving goudwinningsactivitieiten mochten uitvoeren. Uiteindelijk zitten zij zelf met de gebakken peren, omdat zij ook niet mochten mijnen. In eerste instantie werd aan de Koffiekampers door de Commissie Ordening Goudsector voorgehouden, dat zij een gebied groot 8000 hectare. zouden krijgen. Als ik de info van de jongens van Macamboa mag geloven, dan is de oppervlakte teruggebracht.'

Noot:
Een dag later bericht Astrid van Oosterum in de Ware Tijd dat het gaat om een gebied van 7.000 (!) hectare en niet zoals zij gisteren berichtte 70.000 hectare:

'Het gebied ligt wat verder dan het terrein van goudbedrijf Sarafina, op een goed eind verwijderd van de weg naar Atjoni. Dit beleid om speciale concessies uit te geven aan kleine goudzoekers was al eerder door de regering aangekondigd en krijgt zeker een vervolg. OGS-voorzitter Gerold Dompig heeft zijn oog laten vallen op nog zeker drie andere gebieden die gebruikt kunnen worden voor goudwinning door kleine, lokale goudzoekers. 

OGS-voorzitter Gerold Dompig sprak dinsdag bij de officiële opening van het goudzoekersterrein van een bijzondere dag. 'Het is de eerste zone waarvoor de regering beschikking heeft gegeven. Nu kunnen we eindelijk tegen die jongens zeggen. Dit is jullie gebied.' 

Porknokkers van Nieuw-Koffiekamp, Meriangebied en Brownsberg krijgen totaal 22.000 hectare aan concessie. Dit eerste gebied van 7.000 hectare is allereerst bestemd voor de kleine goudzoekers die nu illegaal werken op de concessie van IAmGold. 'Het gebied valt voor een klein deel in het Matawaigebied. 'De president wees mij daarop en vroeg mij hoe ik dat denk aan te pakken', vertelde Dompig. Hij voorziet dat er via dialoog ook geregeld kan worden dat de bewoners van Matawai ook beschikkingen kunnen krijgen.

Voor de Paramaccaners, die uit het Meriamgebied zijn verwijderd, moet er nog 7.000 hectare in het Marcusgebied vrijkomen, terwijl de porknokkers van Brownsberg 8.000 hectare toegewezen moeten krijgen. Het gaat om ruim 1.500 personen die verspreid over de drie gebieden zullen werken. De concessies zullen verkaveld worden en elke dorpeling kan, onder bepaalde voorwaarden, een kavel aanvragen.'

dinsdag 25 juni 2013

VHP’er Gajadien: OM treedt niet op tegen roof natuurlijke hulpbronnen

Familie Bouterse zou betrokken zijn bij Sarafina NV

25-06-2013


Paramaribo - Het VHP-Assembleelid Asiskumar Gajadien vindt dat het Openbaar Ministerie (OM) de natuurlijke hulpbronnen niet beschermt. Hij stelt dat door invloedrijke exponenten roof plaatsvindt, zonder dat er wordt opgetreden. Ook de Rekenkamer en de Centrale Lands Accountantsdienst doen hun werk niet naar behoren, aldus het parlementslid vandaag, dinsdag 25 juni 2013, op Starnieuws.

Gajadien heeft de namen en bedrijven die concessies hebben gekregen in de ‘area of interest’ van Surgold/Newmont en IAmGold/Rosebel Gold Mines NV op een rijtje gezet. Dit heeft hij ook gedaan met de houtconcessies die verstrekt zijn. Hieruit blijkt dat de meerderheid van de concessies (53%) in handen is van buitenlanders. De parlementariër merkt op dat de vergunningverstrekkers en de ontvangers met elkaar samenspannen.

Volgens de politicus worden onder valse voorwendselen vergunningen aangevraagd en verstrekt. Er wordt handel gedreven met de natuurlijke hulpbronnen, meent Gajadien. Daarom vindt hij dat het OM moet ingrijpen.

Het OM zou de natuurlijke rijkdommen moeten beschermen en personen die misbruik maken van de wettelijke bevoegdheden, strafbaar moeten stellen, vindt het Assembleelid. ‘Het kan niet zo zijn dat iemand mijnbouwrechten vraagt conform onze Mijnbouwwet, die ook krijgt en vervolgens deze rechten overzet of verkoopt aan een N.V. Dit is strafbaar in een geciviliseerde samenleving. Zo’n minister, die de verantwoordelijkheid draagt, moest allang achter slot en grendel geplaatst worden.’

In een brief aan president Desi Bouterse heeft Gajadien vragen gesteld over de verstrekte concessies, maar heeft nog geen antwoord gekregen.

De VHP’er stelt dat het publiek geheim is dat de familie Bouterse betrokken is bij Sarafina N.V. Dit bedrijf heeft naast mijnbouwrechten binnen het gebied van interesse van Surgold/Newmont, ook in andere delen van het land mijnbouwrechten gekregen. Het verstrekken van concessies is niet alleen voor Sarafina N.V. in strijd met de Mijnbouwwet gebeurd, maar is voor tientallen andere bedrijven het geval.

Lijst van goudconcessies samengesteld door Gajadien:

VHP’er Gajadien: OM treedt niet op tegen roof natuurlijke hulpbronnen

Familie Bouterse zou betrokken zijn bij Sarafina NV

25-06-2013


Paramaribo - Het VHP-Assembleelid Asiskumar Gajadien vindt dat het Openbaar Ministerie (OM) de natuurlijke hulpbronnen niet beschermt. Hij stelt dat door invloedrijke exponenten roof plaatsvindt, zonder dat er wordt opgetreden. Ook de Rekenkamer en de Centrale Lands Accountantsdienst doen hun werk niet naar behoren, aldus het parlementslid vandaag, dinsdag 25 juni 2013, op Starnieuws.

Gajadien heeft de namen en bedrijven die concessies hebben gekregen in de ‘area of interest’ van Surgold/Newmont en IAmGold/Rosebel Gold Mines NV op een rijtje gezet. Dit heeft hij ook gedaan met de houtconcessies die verstrekt zijn. Hieruit blijkt dat de meerderheid van de concessies (53%) in handen is van buitenlanders. De parlementariër merkt op dat de vergunningverstrekkers en de ontvangers met elkaar samenspannen.

Volgens de politicus worden onder valse voorwendselen vergunningen aangevraagd en verstrekt. Er wordt handel gedreven met de natuurlijke hulpbronnen, meent Gajadien. Daarom vindt hij dat het OM moet ingrijpen.

Het OM zou de natuurlijke rijkdommen moeten beschermen en personen die misbruik maken van de wettelijke bevoegdheden, strafbaar moeten stellen, vindt het Assembleelid. ‘Het kan niet zo zijn dat iemand mijnbouwrechten vraagt conform onze Mijnbouwwet, die ook krijgt en vervolgens deze rechten overzet of verkoopt aan een N.V. Dit is strafbaar in een geciviliseerde samenleving. Zo’n minister, die de verantwoordelijkheid draagt, moest allang achter slot en grendel geplaatst worden.’

In een brief aan president Desi Bouterse heeft Gajadien vragen gesteld over de verstrekte concessies, maar heeft nog geen antwoord gekregen.

De VHP’er stelt dat het publiek geheim is dat de familie Bouterse betrokken is bij Sarafina N.V. Dit bedrijf heeft naast mijnbouwrechten binnen het gebied van interesse van Surgold/Newmont, ook in andere delen van het land mijnbouwrechten gekregen. Het verstrekken van concessies is niet alleen voor Sarafina N.V. in strijd met de Mijnbouwwet gebeurd, maar is voor tientallen andere bedrijven het geval.

Lijst van goudconcessies samengesteld door Gajadien:

maandag 20 april 2015

Goudzoekers afwachtend om over te stappen op dure milieuvriendelijke goudwinningsmaterialen

(Bron foto: Gilliamo Orban)
Stichting SORTS komt maar weer eens met 'shaking tables' op de proppen

In november 2011 presenteerde Sarafina NV al werkwijze van 'schuddende tafels' met Amerikaans bedrijf Global Mining Solutions


Kleine legale en illegale goudzoekers, porknokkers, nemen nog steeds een afwachtende houding aan als het gaat om de overstap naar milieuvriendelijke goudwinningsmethoden en om kwik in de ban te doen. Dat bleek, zo berichten vandaag, maandag 20 april 2015, de Ware Tijd en Starnieuws, zaterdag bij een presentatie op het terrein van Grassalco te Maripaston van het gebruik van zogenoemde 'shaking tables' ofwel schuddende tafels, waarmee op een milieuvriendelijke wijze goud kan worden gewonnen. 

De activiteit was georganiseerd door de stichting Ontwikkeling door Radio en Televisie in Suriname (SORTS) die zich beijvert voor het gebruik van kwikvrije methodes. Loes Trustfull, voorzitter van SORTS, zegt dat in een voortraject is begonnen met het bewust maken van de goudzoekers van de kwikvrije methoden.

'Nu laten we de goudzoekers zien en horen hoe het in de praktijk werkt', zei Trustfull. Zij heeft gekozen voor een aanpak waarbij geen sprake is van opleggen van een kwikvrije methode, maar dat het belangrijker is dat de goudzoekers zelf tot de overtuiging komen dat deze manier effectiever en vooral milieuvriendelijker is. Trustfull zei, dat onmogelijk alleen gekeken moet worden naar het einddoel, namelijk kwikvrij werken omdat er, zeker voor de individuele goudzoeker, een lang traject komt bij kijken voordat uiteindelijk gedurfd wordt de stap te maken.

De drempels die de afwachtende houding van de goudzoekers rechtvaardigt, zijn volgens Trustfull niet eenvoudig. 'Bewustwording is de ene kant, maar even belangrijk is dat het gaat om kleine ondernemers, in de meeste gevallen illegalen, die gewend zijn op hun manier snel hun winsten te maken. Daarnaast moeten we echt rekening mee houden dat een investering van gemiddeld 20.000 Amerikaanse dollar eigenlijk een bedrijfsinvestering is, die ze niet hebben. Ze kunnen geen eventuele bankgarantie geven, zijn meestal niet op een plek te vinden voor in geval van wanbetaling en zo kunnen we nog wat noemen', aldus Trustful.

Overigens is SORTS niet uniek in haar activiteit. Al in november 2011 werd de 'shaking table' gedemonstreerd en wel door de ondernemingen Sarafina NV van Claudetta Toney en LaWa Star van Julien Lansdorf. Het in het Amerikaanse Prineville, Oregon, gevestigde Global Mining Solutions toonde haar milieuvriendelijke manier van goudwinnen voor beide bedrijven op de Aqua Azul-concessie in Saramacca. Met de zogenoemde ‘shaking tables’ wordt door goudzoekers opgespoten aarde geschud waardoor goud gescheiden kan worden. Kwik wordt hierbij niet gebruikt. Met een ‘schuddende tafel’ blijft vijfennegentig procent grondstoffen, in plaats van de gebruikelijke vijfenveertig procent, over. Een kleine machine kost vierduizend Amerikaanse dollars, zo beek bij die presentatie. Lawa Star Industries is de lokale agent voor Global Mining Solutions.

'In dit materiaal komt wel kwik voor dat is gebruikt door de goudzoekers. Daarom moet de machine ook getest worden in een gebied waar eerder helemaal geen kwik is gebruikt', zei Steven Ceder, gouddelver van Langetabbetje, zaterdag bij de presentatie bij Grassalco.
Hij vindt het wel goed om te zien, dat de machine goud produceert, maar het moet nog blijken of het winstgevend is. 'Ik ga samen met andere collega's overwegen om een machine te kopen om na te gaan wat het rendement wordt. Ik zit nu niet erom te springen om meer dan één machine in één keer aan te schaffen, want straks lijd ik verlies en zit ik met de machines opgescheept.'

SORTS had in de delegatie van zaterdag personen opgenomen die het verschil zouden kunnen maken, zo schrijft Starnieuws. Twee medewerkers van bankinstelling Godo, die alternatieve methoden uitlegden over hoe goudzoekers aan een lening zouden kunnen komen. Hoe dat in georganiseerd verband te doen in een coöperatie met een borgsom die de goudzoekers bijeen moeten brengen. Er wordt gezocht naar manieren om anders dan met geweld tot een werkbare oplossing te komen met de illegalen op hun concessies.

Houtconcessionaris Bert Schreuders van E-timber zou hebben aangeboden de machines te willen aanschaffen, die de goudzoekers vervolgens gedoogd mogen gebruiken op zijn concessie, met de mogelijkheid dat de machines eigendom worden van de goudzoekers. 'Mijn enige winst is dat op mijn concessie kwikvrij naar goud wordt gezocht en ik daarvoor milieucertificaten krijg', zegt de concessiehouder.

De aanwezige goudzoekers tonen zich enthousiast hierover, zeker bij het zien van de mogelijkheid waarbij de schuddende tafel behoorlijk wat fijn goud uit het erts produceert. Bij hun eigen werkmethode gaat het vooral om de grove delen van het metaal.

Trustfull, de bankmedewerkers en de concessiehouders wezen de goudzoekers erop, dat het belangrijk is in het proces dat de goudzoekers zich laten registeren, omdat illegaliteit een behoorlijke drempel kan zijn in het proces. Trustfull ziet graag dat er vanuit de overheid naast de rol van controle ook veel aandacht moet worden gegeven aan begeleiding en educatie.

Gerold Dompig, voorzitter van het Managementteam van de Commissie Ordening Goudsector, liet overigens een paar jaar geleden (2012) weten, dat er een speciaal fonds zou komen, waarop goudzoekers een beroep zouden kunnen doen voor de financiering van de aanschaf van milieuvriendelijke goudwinningsapparatuur. Dat fonds, voor zover bekend, nooit van de grond gekomen.

In het ‘Ontwikkelingsplan 2012 – 2016 - SURINAME IN TRANSFORMATIE’ van de regering Bouterse-Ameerali daterend van februari 2012, is onder ‘III.5.1. Goud en Ordening Goudsector, onder andere te lezen:
 ‘(...) De Regering zal een korte termijn een staatsbesluit slaan, betreffende de instelling van een investeringsfonds, ten behoeve van de ontwikkeling van de goudsector. Dit fonds zal het financieren van activiteiten in de sector die ondersteunend zijn naar de complete ordening en de duurzame ontwikkeling van de sector ter hand nemen. Kleine en middelgrote ondernemers alsook de overheid en Niet Gouvernementele Organisaties, NGO’s, zullen in aanmerking kunnen komen voor financiering van initiatieven en activiteiten, gericht op het opheffen van de chaotische, illegale en onveilige situatie in de goudrijke gebieden. (...)’

Ter achtergrondinformatie (Bron):
Achtereenvolgende Surinaamse regeringen hebben nauwelijks tot geen actie ondernomen om het gebruik van kwik tegen te gaan. Projecten hiertoe zijn er nauwelijks geweest. Op kleine schaal heeft het Wereld Natuurfonds Guianas getracht kleinschalige goudzoekers te bewegen over te stappen van het gebruik van kwik naar groene, milieuvriendelijke winningsmethoden. Een enkel klein goudwinningsbedrijf heeft zelf de aanzet gegeven om milieuvriendelijk goud te winnen, zoals Sarafina NV dat gebruik is gaan maken van zogenoemde ‘shaking tables’. Gesteld kan worden, dat Surinaamse regeringen en non-gouvernementele organisaties laks zijn geweest om het kwikgebruik aan te pakken. Niemand heeft ooit met goed doorwrochten plannen of projecten hiertoe enige aanzet willen geven, terwijl iedereen heel goed wist en weet dat wateren in het binnenland sterk vervuild zijn door kwik en dat inheemsen en marrons in bepaalde dorpen met gezondheidsproblemen kampen.

Voor specifieke opgezette projecten om het kwikgebruik uit te bannen kunnen landen en organisaties voor de financiering ervan ook een beroep doen op de zogenoemde Global Environment Facility (GEF) of op het Small Grants Programme (SGP), dat weer gefinancierd wordt door het GEF. Het GEF valt onder het VN Ontwikkelings Programma (UNDP, United Nations Development Programme). Het UNDP zetelt voornamelijk in New York City en voorziet ontwikkelingslanden - met de name de minst ontwikkelde landen - van advies, training en materiaal om armoede te bestrijden en ontwikkeling te stimuleren. UNDP voert daarbij zelf geen projecten uit maar organiseert en financiert deze, waarbij de uitvoering aan andere VN organisaties wordt uitbesteed.

Het in Washington, Amerika, gevestigde, GEF werd opgericht in 1992, na de VN-Top van de Aarde (Earth Summit) in juni van dat jaar in het Braziliaanse Rio de Janeiro. Die conferentie leverde een aantal belangrijke milieuconventies op die de ondertekenende landen dwingen hun economie op bepaalde punten ingrijpend aan te passen. Een speciaal fonds werd nodig geacht om de ontwikkelingslanden daarbij te helpen. Het fonds wordt beheerd door UNEP, UNDP en de Wereldbank. Een paar miljard Amerikaanse dollar is al in dat fonds gepompt voor milieuprojecten. Het fonds concentreert zich daarbij op initiatieven op de terreinen biodiversiteit, klimaatverandering, internationale wateren en stoffen die de ozonlaag aantasten. Het fonds heeft een partnerschap met 182 landen en organisaties en is het grootste publieke fonds te wereld ter verbetering van het milieu in die wereld. Het SGP is een soort klein broertje van het GEF. Het programma werd voor het eerst in Suriname geïntroduceerd in 1997. Het eerste door een non-gouvernementele organisatie ingediende project werd twee jaren later ter goedkeuring ingediend. Het SGP financiert projecten tot een bedrag van 50.000 Amerikaanse dollar per projectaanvraag.

Suriname had volgens het SGP, tot medio januari 2013, zo’n achtentachtig projecten ingediend voor een totaalbedrag van 2.089.595 Amerikaanse dollar, waarvan slechts drie betrekking hadden op kwikgebruik in de kleinschalige goudwinning in het Surinaamse binnenland. Eén van die drie was een door de stichting Godo-holo in 2001 aangevraagd project. De stichting ontving 2.000 Amerikaanse dollars voor het aantrekken van een deskundige om onderzoek te doen naar mogelijkheden om kleinschalige goudzoekers in het Tapanahonigebied (zuidoosten van het land), in de omgeving van de Toso- en Selakreek, over te laten stappen van het gebruik van kwik in het goudwinningsproces naar een milieuvriendelijke winningsmethode. De tweede aanvraag dateert ook uit 2001 van de vrouwenorganisatie Pikin Saron voor een project inzake een onderzoek naar mogelijke kwikvervuiling. Ook hier ging het om een bedrag van 2.000 Amerikaanse dollar. Het derde betreft een milieu bewustwordingsproject uit 2006/2007 voor marron kleinschalige goudzoekers in het Tapanahoniriviergebied. Doel was om de voor het milieu vernietigende werkwijze van de goudzoekers om te buigen naar een constructieve werkwijze en ook om ze bekend te maken met milieuvriendelijke winningsmethoden. De stichting Nehezra ontving hiertoe een bedrag van 21.236 Amerikaanse dollar.

Tanja Lieuw, National Coördinator van het SGP Suriname, liet op 14 januari 2013 weten: ‘Wij hebben na 2007 geen nieuwe projectvoorstellen ontvangen van non-gouvernementele organisaties die het probleem met kwik willen aanpakken, ons fonds gaat er namelijk wel vanuit dat de organisaties bij ons aankloppen met hun ideeen, die dan samen met ons worden uitgewerkt tot projectvoorstellen.’

Bij de grotere broer, het GEF, blijkt Suriname de afgelopen jaren nauwelijks projecten ter financiering te hebben ingediend. Uit de website van het GEF blijkt dat Suriname, tot januari 2013, voor zeven ingediende nationale projecten gelden heeft ontvangen voor een totaalbedrag van 15.655.356 Amerikaanse dollar. Het eerste project dateert uit 1997 en het laatste werd in november 2011 goedgekeurd. Twee projecten springen eruit vanwege de aanzienlijke bedragen die door het fonds beschikbaar werden gesteld. In 2001 keurde het GEF een projectvoorstel (nummer 661) goed, dat als doel had de ecosystemen en de biodiversiteit in het Guyana Schild en dan met name in het Centraal Suriname Natuurreservaat (CSNR) en in het Sipaliwini Natuurreservaat (SNR) beter te beschermen. Het GEF stelde 9.590.000 Amerikaanse dollar beschikbaar voor het in totaal op 18.390.000 Amerikaanse dollar begrote project.

Het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen ontving in november 2012 een bedrag van 4.400.000 Amerikaanse dollar voor een project (GEF-nummer 4497) ter ontwikkeling van duurzame energie, energie efficiency en elektrificatie van geheel Suriname, dus ook het binnenland. Het totale project is begroot op 25.900.000 Amerikaanse dollar.

Geen enkel project had echter betrekking op kwikgebruik en/of de kleinschalige goudwinning. Opmerkelijk, omdat het GEF zich onder andere specifiek richt op kwikproblematiek wereldwijd. Zo ondersteunt het fonds projectvoorstellen op het terrein van het terugdringen van kwikgebruik in producten, in industriële processen, het terugdringen van de uitstoot van kwikdampen en het verminderen van kwikgebruik in de kleinschalige goudwinning. Voor wat betreft het laatste doel heeft het GEF projecten goedgekeurd in onder andere Ecuador en Peru en Burkina Faso, Mali en Senegal.
Dat in Suriname geen projecten worden ontwikkeld en ter financiering worden voorgelegd aan de VN-fondsen met als doel het vervangen van kwik in de kleinschalige goudwinning door milieuvriendelijke winningsmethoden, is een gemiste kans. Vooral nu het GEF juist het terugdringen van kwikgebruik in de wereld als een van haar belangrijke aandachtspunten hanteert. 

Een shaking table:


(Red. De Surinaamse Krant/de Ware Tijd/Starnieuws/goudwinning-suriname.blogspot.com)

Goudzoekers afwachtend om over te stappen op dure milieuvriendelijke goudwinningsmaterialen

(Bron foto: Gilliamo Orban)
Stichting SORTS komt maar weer eens met 'shaking tables' op de proppen

In november 2011 presenteerde Sarafina NV al werkwijze van 'schuddende tafels' met Amerikaans bedrijf Global Mining Solutions


Kleine legale en illegale goudzoekers, porknokkers, nemen nog steeds een afwachtende houding aan als het gaat om de overstap naar milieuvriendelijke goudwinningsmethoden en om kwik in de ban te doen. Dat bleek, zo berichten vandaag, maandag 20 april 2015, de Ware Tijd en Starnieuws, zaterdag bij een presentatie op het terrein van Grassalco te Maripaston van het gebruik van zogenoemde 'shaking tables' ofwel schuddende tafels, waarmee op een milieuvriendelijke wijze goud kan worden gewonnen. 

De activiteit was georganiseerd door de stichting Ontwikkeling door Radio en Televisie in Suriname (SORTS) die zich beijvert voor het gebruik van kwikvrije methodes. Loes Trustfull, voorzitter van SORTS, zegt dat in een voortraject is begonnen met het bewust maken van de goudzoekers van de kwikvrije methoden.

'Nu laten we de goudzoekers zien en horen hoe het in de praktijk werkt', zei Trustfull. Zij heeft gekozen voor een aanpak waarbij geen sprake is van opleggen van een kwikvrije methode, maar dat het belangrijker is dat de goudzoekers zelf tot de overtuiging komen dat deze manier effectiever en vooral milieuvriendelijker is. Trustfull zei, dat onmogelijk alleen gekeken moet worden naar het einddoel, namelijk kwikvrij werken omdat er, zeker voor de individuele goudzoeker, een lang traject komt bij kijken voordat uiteindelijk gedurfd wordt de stap te maken.

De drempels die de afwachtende houding van de goudzoekers rechtvaardigt, zijn volgens Trustfull niet eenvoudig. 'Bewustwording is de ene kant, maar even belangrijk is dat het gaat om kleine ondernemers, in de meeste gevallen illegalen, die gewend zijn op hun manier snel hun winsten te maken. Daarnaast moeten we echt rekening mee houden dat een investering van gemiddeld 20.000 Amerikaanse dollar eigenlijk een bedrijfsinvestering is, die ze niet hebben. Ze kunnen geen eventuele bankgarantie geven, zijn meestal niet op een plek te vinden voor in geval van wanbetaling en zo kunnen we nog wat noemen', aldus Trustful.

Overigens is SORTS niet uniek in haar activiteit. Al in november 2011 werd de 'shaking table' gedemonstreerd en wel door de ondernemingen Sarafina NV van Claudetta Toney en LaWa Star van Julien Lansdorf. Het in het Amerikaanse Prineville, Oregon, gevestigde Global Mining Solutions toonde haar milieuvriendelijke manier van goudwinnen voor beide bedrijven op de Aqua Azul-concessie in Saramacca. Met de zogenoemde ‘shaking tables’ wordt door goudzoekers opgespoten aarde geschud waardoor goud gescheiden kan worden. Kwik wordt hierbij niet gebruikt. Met een ‘schuddende tafel’ blijft vijfennegentig procent grondstoffen, in plaats van de gebruikelijke vijfenveertig procent, over. Een kleine machine kost vierduizend Amerikaanse dollars, zo beek bij die presentatie. Lawa Star Industries is de lokale agent voor Global Mining Solutions.

'In dit materiaal komt wel kwik voor dat is gebruikt door de goudzoekers. Daarom moet de machine ook getest worden in een gebied waar eerder helemaal geen kwik is gebruikt', zei Steven Ceder, gouddelver van Langetabbetje, zaterdag bij de presentatie bij Grassalco.
Hij vindt het wel goed om te zien, dat de machine goud produceert, maar het moet nog blijken of het winstgevend is. 'Ik ga samen met andere collega's overwegen om een machine te kopen om na te gaan wat het rendement wordt. Ik zit nu niet erom te springen om meer dan één machine in één keer aan te schaffen, want straks lijd ik verlies en zit ik met de machines opgescheept.'

SORTS had in de delegatie van zaterdag personen opgenomen die het verschil zouden kunnen maken, zo schrijft Starnieuws. Twee medewerkers van bankinstelling Godo, die alternatieve methoden uitlegden over hoe goudzoekers aan een lening zouden kunnen komen. Hoe dat in georganiseerd verband te doen in een coöperatie met een borgsom die de goudzoekers bijeen moeten brengen. Er wordt gezocht naar manieren om anders dan met geweld tot een werkbare oplossing te komen met de illegalen op hun concessies.

Houtconcessionaris Bert Schreuders van E-timber zou hebben aangeboden de machines te willen aanschaffen, die de goudzoekers vervolgens gedoogd mogen gebruiken op zijn concessie, met de mogelijkheid dat de machines eigendom worden van de goudzoekers. 'Mijn enige winst is dat op mijn concessie kwikvrij naar goud wordt gezocht en ik daarvoor milieucertificaten krijg', zegt de concessiehouder.

De aanwezige goudzoekers tonen zich enthousiast hierover, zeker bij het zien van de mogelijkheid waarbij de schuddende tafel behoorlijk wat fijn goud uit het erts produceert. Bij hun eigen werkmethode gaat het vooral om de grove delen van het metaal.

Trustfull, de bankmedewerkers en de concessiehouders wezen de goudzoekers erop, dat het belangrijk is in het proces dat de goudzoekers zich laten registeren, omdat illegaliteit een behoorlijke drempel kan zijn in het proces. Trustfull ziet graag dat er vanuit de overheid naast de rol van controle ook veel aandacht moet worden gegeven aan begeleiding en educatie.

Gerold Dompig, voorzitter van het Managementteam van de Commissie Ordening Goudsector, liet overigens een paar jaar geleden (2012) weten, dat er een speciaal fonds zou komen, waarop goudzoekers een beroep zouden kunnen doen voor de financiering van de aanschaf van milieuvriendelijke goudwinningsapparatuur. Dat fonds, voor zover bekend, nooit van de grond gekomen.

In het ‘Ontwikkelingsplan 2012 – 2016 - SURINAME IN TRANSFORMATIE’ van de regering Bouterse-Ameerali daterend van februari 2012, is onder ‘III.5.1. Goud en Ordening Goudsector, onder andere te lezen:
 ‘(...) De Regering zal een korte termijn een staatsbesluit slaan, betreffende de instelling van een investeringsfonds, ten behoeve van de ontwikkeling van de goudsector. Dit fonds zal het financieren van activiteiten in de sector die ondersteunend zijn naar de complete ordening en de duurzame ontwikkeling van de sector ter hand nemen. Kleine en middelgrote ondernemers alsook de overheid en Niet Gouvernementele Organisaties, NGO’s, zullen in aanmerking kunnen komen voor financiering van initiatieven en activiteiten, gericht op het opheffen van de chaotische, illegale en onveilige situatie in de goudrijke gebieden. (...)’

Ter achtergrondinformatie (Bron):
Achtereenvolgende Surinaamse regeringen hebben nauwelijks tot geen actie ondernomen om het gebruik van kwik tegen te gaan. Projecten hiertoe zijn er nauwelijks geweest. Op kleine schaal heeft het Wereld Natuurfonds Guianas getracht kleinschalige goudzoekers te bewegen over te stappen van het gebruik van kwik naar groene, milieuvriendelijke winningsmethoden. Een enkel klein goudwinningsbedrijf heeft zelf de aanzet gegeven om milieuvriendelijk goud te winnen, zoals Sarafina NV dat gebruik is gaan maken van zogenoemde ‘shaking tables’. Gesteld kan worden, dat Surinaamse regeringen en non-gouvernementele organisaties laks zijn geweest om het kwikgebruik aan te pakken. Niemand heeft ooit met goed doorwrochten plannen of projecten hiertoe enige aanzet willen geven, terwijl iedereen heel goed wist en weet dat wateren in het binnenland sterk vervuild zijn door kwik en dat inheemsen en marrons in bepaalde dorpen met gezondheidsproblemen kampen.

Voor specifieke opgezette projecten om het kwikgebruik uit te bannen kunnen landen en organisaties voor de financiering ervan ook een beroep doen op de zogenoemde Global Environment Facility (GEF) of op het Small Grants Programme (SGP), dat weer gefinancierd wordt door het GEF. Het GEF valt onder het VN Ontwikkelings Programma (UNDP, United Nations Development Programme). Het UNDP zetelt voornamelijk in New York City en voorziet ontwikkelingslanden - met de name de minst ontwikkelde landen - van advies, training en materiaal om armoede te bestrijden en ontwikkeling te stimuleren. UNDP voert daarbij zelf geen projecten uit maar organiseert en financiert deze, waarbij de uitvoering aan andere VN organisaties wordt uitbesteed.

Het in Washington, Amerika, gevestigde, GEF werd opgericht in 1992, na de VN-Top van de Aarde (Earth Summit) in juni van dat jaar in het Braziliaanse Rio de Janeiro. Die conferentie leverde een aantal belangrijke milieuconventies op die de ondertekenende landen dwingen hun economie op bepaalde punten ingrijpend aan te passen. Een speciaal fonds werd nodig geacht om de ontwikkelingslanden daarbij te helpen. Het fonds wordt beheerd door UNEP, UNDP en de Wereldbank. Een paar miljard Amerikaanse dollar is al in dat fonds gepompt voor milieuprojecten. Het fonds concentreert zich daarbij op initiatieven op de terreinen biodiversiteit, klimaatverandering, internationale wateren en stoffen die de ozonlaag aantasten. Het fonds heeft een partnerschap met 182 landen en organisaties en is het grootste publieke fonds te wereld ter verbetering van het milieu in die wereld. Het SGP is een soort klein broertje van het GEF. Het programma werd voor het eerst in Suriname geïntroduceerd in 1997. Het eerste door een non-gouvernementele organisatie ingediende project werd twee jaren later ter goedkeuring ingediend. Het SGP financiert projecten tot een bedrag van 50.000 Amerikaanse dollar per projectaanvraag.

Suriname had volgens het SGP, tot medio januari 2013, zo’n achtentachtig projecten ingediend voor een totaalbedrag van 2.089.595 Amerikaanse dollar, waarvan slechts drie betrekking hadden op kwikgebruik in de kleinschalige goudwinning in het Surinaamse binnenland. Eén van die drie was een door de stichting Godo-holo in 2001 aangevraagd project. De stichting ontving 2.000 Amerikaanse dollars voor het aantrekken van een deskundige om onderzoek te doen naar mogelijkheden om kleinschalige goudzoekers in het Tapanahonigebied (zuidoosten van het land), in de omgeving van de Toso- en Selakreek, over te laten stappen van het gebruik van kwik in het goudwinningsproces naar een milieuvriendelijke winningsmethode. De tweede aanvraag dateert ook uit 2001 van de vrouwenorganisatie Pikin Saron voor een project inzake een onderzoek naar mogelijke kwikvervuiling. Ook hier ging het om een bedrag van 2.000 Amerikaanse dollar. Het derde betreft een milieu bewustwordingsproject uit 2006/2007 voor marron kleinschalige goudzoekers in het Tapanahoniriviergebied. Doel was om de voor het milieu vernietigende werkwijze van de goudzoekers om te buigen naar een constructieve werkwijze en ook om ze bekend te maken met milieuvriendelijke winningsmethoden. De stichting Nehezra ontving hiertoe een bedrag van 21.236 Amerikaanse dollar.

Tanja Lieuw, National Coördinator van het SGP Suriname, liet op 14 januari 2013 weten: ‘Wij hebben na 2007 geen nieuwe projectvoorstellen ontvangen van non-gouvernementele organisaties die het probleem met kwik willen aanpakken, ons fonds gaat er namelijk wel vanuit dat de organisaties bij ons aankloppen met hun ideeen, die dan samen met ons worden uitgewerkt tot projectvoorstellen.’

Bij de grotere broer, het GEF, blijkt Suriname de afgelopen jaren nauwelijks projecten ter financiering te hebben ingediend. Uit de website van het GEF blijkt dat Suriname, tot januari 2013, voor zeven ingediende nationale projecten gelden heeft ontvangen voor een totaalbedrag van 15.655.356 Amerikaanse dollar. Het eerste project dateert uit 1997 en het laatste werd in november 2011 goedgekeurd. Twee projecten springen eruit vanwege de aanzienlijke bedragen die door het fonds beschikbaar werden gesteld. In 2001 keurde het GEF een projectvoorstel (nummer 661) goed, dat als doel had de ecosystemen en de biodiversiteit in het Guyana Schild en dan met name in het Centraal Suriname Natuurreservaat (CSNR) en in het Sipaliwini Natuurreservaat (SNR) beter te beschermen. Het GEF stelde 9.590.000 Amerikaanse dollar beschikbaar voor het in totaal op 18.390.000 Amerikaanse dollar begrote project.

Het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen ontving in november 2012 een bedrag van 4.400.000 Amerikaanse dollar voor een project (GEF-nummer 4497) ter ontwikkeling van duurzame energie, energie efficiency en elektrificatie van geheel Suriname, dus ook het binnenland. Het totale project is begroot op 25.900.000 Amerikaanse dollar.

Geen enkel project had echter betrekking op kwikgebruik en/of de kleinschalige goudwinning. Opmerkelijk, omdat het GEF zich onder andere specifiek richt op kwikproblematiek wereldwijd. Zo ondersteunt het fonds projectvoorstellen op het terrein van het terugdringen van kwikgebruik in producten, in industriële processen, het terugdringen van de uitstoot van kwikdampen en het verminderen van kwikgebruik in de kleinschalige goudwinning. Voor wat betreft het laatste doel heeft het GEF projecten goedgekeurd in onder andere Ecuador en Peru en Burkina Faso, Mali en Senegal.
Dat in Suriname geen projecten worden ontwikkeld en ter financiering worden voorgelegd aan de VN-fondsen met als doel het vervangen van kwik in de kleinschalige goudwinning door milieuvriendelijke winningsmethoden, is een gemiste kans. Vooral nu het GEF juist het terugdringen van kwikgebruik in de wereld als een van haar belangrijke aandachtspunten hanteert. 

Een shaking table:


(Red. De Surinaamse Krant/de Ware Tijd/Starnieuws/goudwinning-suriname.blogspot.com)

woensdag 14 januari 2015

Politie valt illegaal goudzoekerskamp in concessiegebied Sarafina NV binnen

Vijf personen gearresteerd, waaronder twee vrouwen

Twee kampen ontruimd


De politie van Brokopondo heeft in samenwerking met het Recherche Bijstandsteam (RBT) van het Korps Politie Suriname afgelopen maandag een ontruimingsactie uitgevoerd in het concessiegebied van goudwinningsbedrijf Sarafina NV. Er was aangifte gedaan van overtreding van de Mijnbouwwet. Dit bericht het Dagblad Suriname vandaag, woensdag 14 januari 2015.

Volgens de politie van Brokopondo hadden illegalen zich ter plekke genesteld. Vijf personen werden aangehouden, waaronder twee vrouwen. Ze zijn allen ter zake overtreding van de Mijnbouwwet in verzekering gesteld. Twee uit de groep bleken illegaal in het land te verblijven.

Om de locatie te bereiken, moest men ruim anderhalf uur over het stuwmeer varen. Via de Granmankreek bereikte de politie de plaats. De politie trof de plaatselijke bevolking, die ook een graantje uit de productie meepikte, niet ter plaatse aan. Vermoedelijk was zij getipt, want volgens de aangever was er een grote mijnbouwoperatie gaande.

De politie heeft twee kampen ontruimd. In één van de goudzoekerskampen vond men een illegaal jachtgeweer. Dit wapen werd door de politie in beslag genomen.

De verdachten verklaarden dat zij in opdracht van een Surinamer aan het werk waren. Hangende het verdere onderzoek blijft het vijftal in verzekering.

maandag 11 augustus 2014

Overval op goudzoekers te Sarafina - Buit ongeveer 300 gram vers gewonnen goud

Zes gewapende en gemaskerde mannen overvallen goudzoekers

11-08-2014


Paramaribo - Zes zwaar gewapende en gemaskerde mannen blijken vorige week woensdag te Sarafina een overval te hebben gepleegd op een goudconcessie. Op het moment van de overval waren de arbeiders bezig met goudwinning. Zij werden daarbij onder schot gehouden en gesommeerd de goudwinningswerkzaamheden voort te zetten.

Dat bericht het Dagblad Suriname maandag 11 augustus 2014.

Nadat het goud was gewonnen, namen de daders dat af en verlieten de plek met een ATV welke toebehoorde aan één van de slachtoffers. Kort na de overval werd de buitgemaakte ATV ongeveer anderhalve kilometer verder aangetroffen.

De daders hebben zo’n 300 gram goud buitgemaakt. De politie van Brokopondo is belast met het onderzoek.

Overval op goudzoekers te Sarafina - Buit ongeveer 300 gram vers gewonnen goud

Zes gewapende en gemaskerde mannen overvallen goudzoekers

11-08-2014


Paramaribo - Zes zwaar gewapende en gemaskerde mannen blijken vorige week woensdag te Sarafina een overval te hebben gepleegd op een goudconcessie. Op het moment van de overval waren de arbeiders bezig met goudwinning. Zij werden daarbij onder schot gehouden en gesommeerd de goudwinningswerkzaamheden voort te zetten.

Dat bericht het Dagblad Suriname maandag 11 augustus 2014.

Nadat het goud was gewonnen, namen de daders dat af en verlieten de plek met een ATV welke toebehoorde aan één van de slachtoffers. Kort na de overval werd de buitgemaakte ATV ongeveer anderhalve kilometer verder aangetroffen.

De daders hebben zo’n 300 gram goud buitgemaakt. De politie van Brokopondo is belast met het onderzoek.

donderdag 15 januari 2015

Asabina (BEP) niet te spreken over gang van zaken ordening goudsector: 'Ordening totaal fiasco'

'Binnenland ervaart beleid goudordening als stiefmoederlijk en discriminerend'

'Toezichthouders en instituten mogen nooit meten met meer maten'

'Wanneer wordt opgetreden tegen goudpontons op stuwmeer?'

15-01-2015


Het BEP-Assembleelid Ronny Asabina zegt vandaag, donderdag 15 januari 2015, in het Dagblad Suriname, dat grote delen van de bewoners in het binnenland het beleid op het gebied van de goudordening als stiefmoederlijk en discriminerend ervaren. De politicus betreurt het ten zeerste, dat de positieve wapenfeiten van de ordening zijn uitgebleven. De ordening is uitgelopen op een totaal fiasco. 

‘Het kan er bij mij niet in dat, terwijl de regering weet dat het middel van bestaan in het Sarakreekgebied bij uitstek de goudwinning is, niemand en nogmaals niemand uit het gebied beschikt over een mijnbouwrecht. Naast de aantasting en vervuiling van de biodiversiteit ervaren de bewoners ook angst voor verdrijving en toenemend grootgrondbezit.’ 

Asabina laat een ernstig waarschuwend geluid horen, dat de politie en andere toezichthoudende organen en instituten nimmer mogen meewerken aan het meten met meerdere maten.

‘Het bericht over de politie-invasie en aanhouding bij en van illegale goudzoekers in het stuwmeergebied heeft mijn wenkbrauwen niet alleen doen fronsen, maar ook mijn haren op mijn hoofd overeind doen staan’,
zegt Asabina. Volgens het bericht zijn illegale goudzoekers ter zake overtreding van de Mijnbouwwet in verzekering gesteld.

‘Wat overduidelijk waarneembaar, meetbaar en voelbaar is, is dat in deze sector nog steeds op grove wijze met meerdere maten wordt gemeten’, stelt de BEP'er. ‘Het is van kwaad tot erger geworden. Hiermee geef ik aan dat hit en run, de macht van de sterkste, zweefteki, duistere praktijken, nepotisme, botsende belangen en belangenverstrengeling de sector nog steeds gegijzeld houden. Alle toezichthoudende organen en instituten doen alsof hun neus bloedt. Ik denk hierbij aan de politie, de Commissie Ordening Goudsector, plaatselijke bestuursdiensten en de Geologische Mijnbouwkundige Dienst.’

Het bevreemdt Asabina ten zeerste, dat de politie aangeeft opgetreden te hebben, omdat er gehandeld is in strijd met de Mijnbouwwet. ‘Wat de samenleving moet weten en waarvan alle toezichthoudende organen op de hoogte zijn, is dat nagenoeg alle concessionarissen handelen in strijd met de vergunningsvoorschriften, zodanig dat het handelen een norm, een traditie is geworden.’ Volgens de Mijnbouwwet en de op basis daarvan verstrekte mijnbouwrechten mogen concessies niet onderverhuurd worden. Ook op het gebied van milieu wordt in strijd met de vergunningsvoorschriften gehandeld. In de praktijk van alledag is het onderverhuren, waarbij derden tegen betaling op concessies van concessionarissen mogen werken, schering en inslag.

Asabina heeft gisteren talloze telefoontjes ontvangen van gedupeerden. Hij heeft persoonlijk gesproken met een aantal mannen uit het Sarakreekgebied, waar de ontruiming en de aanhoudingen hebben plaatsgevonden.

‘Ik heb van deze belanghebbenden begrepen, dat de informatie op basis waarvan de politie heeft opgetreden voor een belangrijk deel bezijden de waarheid is. Men zou actief zijn op het stuwmeer en niet op vast land. Het zou een vertegenwoordiger van het bedrijf Sarafina zelf zijn, die tegen hun zou hebben gezegd dat het gebied waar men actief was, zou toebehoren aan Suralco en dat Suralco niemand toestemming heeft gegeven en noch minder duldt op het stuwmeer met goudwinningsactiviteiten. Vooral op grond hiervan, is het heel raar bij hun overgekomen om plotseling te vernemen dat zij actief waren in het concessiegebied van Sarafina. Zij vragen zich af sinds wanneer deze onderneming toestemming heeft en over mijnbouwrechten beschikt om ter plekke aan goudwinning te doen.’ 

Asabina stelt ook duidelijk dat de Mijnbouwwet niet voorziet in de winning van goud op de bodem van het stuwmeer. Wat ook opvalt, is dat niet de Commissie Ordening Goudsector, maar het Korps Politie Suriname de operatie heeft uitgevoerd.

De BEP-parlementariër blijft erbij, dat in de goudsector inhalige elites in alle rust, hun slag mogen slaan. Hij vindt het ook jammer dat een cultuur van ‘de macht van de sterkste’ gevoed en in stand gehouden wordt door instanties die voor orde, rust en veiligheid moeten zorgen.

‘Ter illustratie geef ik aan dat vorig jaar tijdens een bezoek van de president aan het dorp Nieuw Koffiekamp het traditioneel gezag van Brokopondo onder de aandacht van de president had gebracht dat mega goudpontons (skalians) actief waren op de bodem van ons stuwmeer. Bij deze gelegenheid waren onder meer alle Assembleeleden van Brokopondo, de minister van Justitie en Politie, de minister van Defensie, de districtscommissaris van Brokopondo, de korpschef en de bevelhebber van het Nationaal Leger aanwezig. Tot de dag van vandaag zwijgt de regering in alle talen, doet de regering alsof haar neus bloed, en treedt de politie, noch de Commissie Ordening Goudsector, op tegen het ongebreideld en ongecontroleerd mijnen op de bodem van ons stuwmeer.’ 

Volgens harde bewijzen, waarover Asabina beschikt, zijn er meer dan acht skalians actief op het stuwmeer. Ook de concessionaris van het stuwmeer, in deze Suralco, zit met de handen in het haar. ‘Een door dit bedrijf geïnitieerde en gehouden gran krutu in oktober 2013 te Brokopondo heeft geen zoden aan de dijk gelegd en dus aan deze illegale, zorgwekkende en alarmerende situatie geen enkele verandering gebracht. Met andere woorden hebben de districtscommissaris van Brokopondo, de Commissie Ordening Goudsector en de minister van Natuurlijke Hulpbronnen niet opgetreden.’