maandag 24 september 2018

Drie Braziliaanse goudzoekers vinden de dood

Silva Dos Santo Francisco (47) dood aangetroffen in mijn-put te Aqua Blanc, Lelygebergte 

Alves Rodriques en Olivieira Martin (24) gedood te Errobergi door omgevallen boom en meegesleurd puin

 
De 47-jarige garimpeiro Silva Dos Santo Francisco is donderdag 20 september door andere goudzoekers levenloos aangetroffen in een mijn-put te Aqua Blanc in het Lelygebergte gebied in het district Sipaliwini. Collega's voerden het lichaam per boot af naar Afobaka en schakelden de politie van Brokopondo in, zo bericht het Korps Politie Suriname maandag 24 september 2018.

Zij verklaarden, dat ze bezig waren met goudwinningswerkzaamheden in dat gebied. Tegen twaalf uur in de middag gingen ze schaften. Dos Santo Francisco besloot om nog even achter te blijven voor het afronden van werkzaamheden op een machine nabij de mijn-put. Toen zijn collega’s om één uur ’s middags terugkeerden naar hun werkgebied zagen zij Dos Santo Francisco niet. Eén van de goudzoekers herinnerde zich plotseling, dat Dos Santo Francisco last had van vallende ziekte. Hij spoedde zich toen naar de plek waar ze Silva hadden achtergelaten. Op die plek trof hij Silva levenloos in de mijn-put aan en riep om hulp. De rest van de gouddelvers ging op het hulpgeroep af en haalde het levenloze lichaam van Silva uit de put. Vervolgens brachten de gouddelvers het lijk per boot naar Afobaka. Inmiddels is het ontzielde lichaam van Dos Santo Francisco na overleg met het Openbaar Ministerie afgestaan aan zijn nabestaanden.

In een ander geval raakten vier Braziliaanse goudzoekers de avond van zondag 23 september bedolven onder zand te Errobergi in het stuwmeergebied. De politie van Brokopondo kreeg 's avonds de melding binnen van een ongeval en dat twee van de gouddelvers dood waren.

Agenten gingen maandagmorgen 24 september naar Afobaka waarnaar de twee lichamen van Alves Rodriques en Olivieira Martin, beiden 24 jaar, door een bootsman en overige gouddelvers waren overgebracht vanuit het stuwmeer gebied. Volgens verklaringen van de gouddelvers waren zij bezig met goudwinningswerkzaamheden te Errobergi, een berg die voor het ongeval zo’n 30 meter hoog was.

Op een bepaald moment begon een harde wind te waaien met als gevolg dat een boom op de berg ontwortelde en met een deel van de bergtop omlaag gleed. De slachtoffers Alves Rodriques en Olivieira Martin waren op een lager gedeelte van de berg onder een kamp, dichtbij een in de berg gegraven tunnel, bezig te werken. Zij en de tent raakten bedolven onder de omgevallen boom en het meegesleurd puin met het voor hun noodlottig gevolg.

De tunnel raakte gedeeltelijk ook bedolven onder een hoop zand en puin, waarin op dat moment twee andere gouddelvers aan het werk waren. Met behulp van een graafmachine werd gegraven en bij een diepte van ongeveer 20 meter in de berg werden de lijken van Rodriques en Martin opgegraven. Op een diepte van ongeveer 29 meter zijn de twee andere Braziliaanse gouddelvers levend aangetroffen en bovengronds gehaald. Hun situatie is stabiel te noemen.

donderdag 13 september 2018

Nurmohamed (VHP): 'Vermoedelijk cyanidegebruik in Tapoeripa door Chinese goudzoekers'

'Cyanide is gevaarlijker dan kwik, het kan je hersenstelsel aantasten'

- 'Regering heeft tot nu toe geen enkele stap ondernomen om illegale mijnbouwgebieden te sluiten'
- 'Men gaat andere middelen gebruiken voor de goudwinning, die nog gevaarlijker zijn dan kwik'
- Met betrekking tot de goudbusiness is een heel maffianetwerk bezig in het binnenland'


Volksvertegenwoordiger Riad Nurmohamed (VHP) is zeer bezorgd over de illegale goudwinning in Suriname. Hij heeft onder andere indicaties, dat illegale goudzoekers van Chinese origine al enkele dagen actief zijn in het Tapoeripa-gebied (Brokopondo). Daarbij wordt vermoedelijk veelvuldig gebruik gemaakt van de extreem giftige stof cyanide.

Bij de afbraak van deze stof komt onder andere nitraat vrij en dat kan net als bij kwik zorgen voor milieu- en gezondheidsproblemen. Ook kan cyanide samengaan met metalen, waardoor het grondwater vervuild kan raken. Genoeg redenen dus om de zaak onder de loep te nemen.

'Cyanide is gevaarlijker dan kwik; het kan je hersenstelsel aantasten. Bij inademing daarvan kunnen mens en dier schade oplopen. Er zullen mensen in Brokopondo en Paramaribo zijn die hiervan wel iets afweten. Je hebt namelijk toestemming van onder andere de overheid nodig om aan goudwinning te kunnen doen. Daarom wil ik dat deze zaak onderzocht wordt', aldus Nurmohamed vandaag, donderdag 13 september 2018, in het Dagblad Suriname.

Nurmohamed heeft in dit kader reeds een beroep gedaan op de districtscommissaris (dc) van Brokopondo, Kenya Pansa. Ook het Nationaal Instituut voor Milieu en Ontwikkeling in Suriname (NIMOS) wordt ingeschakeld om de situatie in het binnenland te doorgronden.



Nurmohamed heeft in De Nationale Assemblee (DNA) reeds gewaarschuwd voor dergelijke illegale praktijken waar het gros van het parlement geen luisterend oor voor had.

'Men gaat andere middelen gebruiken voor de goudwinning, die nog gevaarlijker zijn dan kwik, waar er bovendien geen wet- en regelgeving voor is. Zolang je de illegaliteit toestaat, werk je als regering zelf eraan mee. De regering heeft tot nu toe geen enkele stap ondernomen om de illegalen uit het land te zetten, alsook de illegale mijnbouwgebieden te sluiten', benadrukt Nurmohamed.

Bij het aldoor zwijgen op het politiek-bestuurlijk vlak zal het niet lang meer duren voordat een noodtoestand afgekondigd kan worden. Volgens Nurmohamed kan de regering hulp inschakelen van landen als Brazilië, Amerika en Frankrijk. 'In plaats van leningen aan te gaan, kan Suriname de bevriende landen oproepen om mee te helpen zodat wij af kunnen komen van al die illegaliteit. Met betrekking tot de goudbusiness is een heel maffianetwerk bezig in het binnenland. We moeten ophouden om dit netwerk verder te voeden, gezien de gevaren die allemaal ermee gepaard gaan.'

maandag 3 september 2018

Scalians actief op Surinamerivier tussen Babunhol en Berg en Dal

(Bron foto's: Facebook)
Minister Dodson gaf onlangs 40 scalians toestemming te werken te Sarakreek en op Marowijnerivier

Maar, wat is de status van de goudpontons op de Suriname- en Saramaccarivier?


Op de Surinamerivier tussen Babunhol en Berg en Dal zouden zo'n elf scalians (goudpontons) actief zijn. Een bezorgde en verontwaardigde burger heeft hiervan, met foto's, melding gemaakt op Facebook.

'Ze zitten allemaal vanaf Babunhol tot een kilometer of twee voorbij Berg en Dal stroomopwaarts. Heb zelf nog gasten van Berg en Dal lekker zien zwemmen en die weten niet in wat voor water ze zwemmen, want nog geen kilometer stroomopwaarts zijn twee van deze dingen bezig onze wateren te vervuilen'



Minister minister Regilio Dodson van Natuurlijke Hulpbronnen besloot woensdag 22 augustus 2018, om onder vernieuwde voorwaarden de ongeveer 40 scalians in het Sarakreekgebied en op de Marowijnerivier toestemming te verlenen om per 1 september legaal goud te winnen. De scalianhouders mogen dus van de regering aanzienlijke schade toebrengen aan de biodiversiteit, om vooral de staatskas via in te houden belastingen te spekken.

Negentien eigenaren zijn geregistreerd. Sommigen hebben meerdere scalians. Volgens Dodson zijn er nur strakke regels voor het mijnen in het stuwmeergebied (omgeving Sarakreek) en in Marowijne.
* De scalians worden voorzien van een gps en een volgnummersysteem.
* Het is verboden met kwik te werken. Maar, hoe de bewindsman denkt te gaan controleren of al dan niet kwik wordt gebruikt is een grote vraag. Het is in het geval van scalians niet alleen kwik dat schadelijk is voor mens en milieu. Meerdere toxische stoffen zijn aanwezig op scalians en daarenboven wordt door het winningsproces de bodem van wateren omgewoeld met alle gevolgen voor het milieu.
* De privé-security op verschillende boten moet verdwijnen. De Commissie Ordening Goudsector wordt van stal gehaald, afgestoft, om voor de veiligheid op de scalians te zorgen.

Ruim 25 scalians zijn actief in het Marowijnegebied en ongeveer 10 ten oosten van het Stuwmeer (Sarakreek). Het gedeelte tussen de Sarakreek en Mamaini wordt ook opengesteld voor de scalians. Verder gaan de eigenaren van de goudpontons niet meer rechtstreeks een bijdrage te geven aan de diverse dorpskassen. Dit systeem zou in de praktijk niet goed werken. Er is onderling vaak geen consensus over hoe het geld besteed moet worden. Per boot moet een bepaald bedrag via de centrale overheid (ministerie van Financiën) worden afgedragen. Het geld moet de gemeenschap ten goede komen, legde Dodson uit.

Maar, heeft de bewindsman ook afspraken gemaakt met scalianhouders die actief zijn op de Suriname- en Saramaccarivier? Is dat niet het geval dan zijn scalians op die twee rivieren nu illegaal aan het werk en zou er tegen moeten worden opgetreden. Vooral en met name nu aan de  Surinamerivier diverse recreatieoorden zijn gevestigd en her en der bezoekers/toeristen in de rivier zwemmen.

donderdag 30 augustus 2018

Newmont Suriname neemt zich voor kleinschalige goudzoekers in Paamaka-gebied te steunen

Beoogde steun slechts gericht op vooral minimalisering of volledige uitbanning kwikgebruik


De Ware Tijd bericht vandaag, donderdag 30 augustus 2018, dat Newmont Suriname een traject heeft ingezet om ondersteuning te bieden aan kleinschalige goudzoekers in het Paamaka-gebied waar de multinational opereert met maar grote Merian-mijn. De beoogde steun richt zich voornamelijk op minimalisering of volledige uitbanning van kwikgebruik bij kleinschalige gouddelving in het gebied. 

Winston Wielzen van de afdeling Kleinschalige Mijnbouw zegt, dat intussen gesprekken zijn begonnen met een door de porknokkers gevormde werkgroep. Met hun worden alternatieve winningsmethoden besproken waarbij geen gebruik wordt gemaakt van kwik.

Voor goudzoekers die zich met andere economische activiteiten willen bezighouden worden ook mogelijkheden voor ondersteuning bestudeerd. Betrokkenen kunnen getraind of herschoold worden om in andere branches hun brood te verdienen, zegt Newmont-directielid Albert Ramdin. Eventueel wordt de mogelijkheid geschapen om sommigen in dienst te nemen.


Wielzen geeft aan dat het gebruiken van shaking tables in plaats van kwik een van de opties is.

In het zuiden van de 17.000 hectare grote goudconcessie van Newmont zijn 450 goudzoekers in kaart gebracht. Buiten de concessie, in de zogenoemde area of interest zijn ruim 600 kleinschalige gouddelvers actief.

Braziliaanse vrouw tipt Braziliaanse roversbende over goudtransporten

Vrouw werkt op de goudvelden in het Langatabiki-gebied


Het Korps Politie Suriname meldt woensdag 29 augustus 2018, dat onlangs de Braziliaanse vrouw A.B. door recherche-Oost is aangehouden. Zij werkte samen met een Braziliaanse roversbende. 

Deze bende heeft een aantal gewelddadige diefstallen gepleegd in het Langatabiki-gebied. In dat gebied zijn ettelijke goudzoekers beroofd van hun gewonnen goud.

B. verrichtte werkzaamheden op de goudvelden in het Langatabiki-gebied. Zij verstrekte detail informatie aan de roversbende met betrekking tot onder andere wanneer het ontdekte goud gewonnen zou worden, door wie, hoe en wanneer het goud getransporteerd zou worden.

Na afstemming met het Openbaar Ministerie is de vrouw door de politie ingesloten. Leden van de roversbende zijn eerder aangehouden en achter slot en grendel gezet.

zondag 26 augustus 2018

Den Blauwvinger: De aap is uit de mouw – Scalian-gedoogbeleid was geniepig voorspel voor scalian-acceptatiebeleid

COLUMN: Minister Dodson staat toe dat zo'n 40 scalians biodiversiteit mogen vernietigen

- Regering verkiest dollars – economisch belang – boven natuurbescherming
- WWF Guianas, Conservation International Suriname en die ene milieuactivist houden kaken op elkaar.....


Eigenlijk was het geen verrassing, het besluit van minister minister Regilio Dodson van Natuurlijke Hulpbronnen, woensdag 22 augustus 2018, om onder vernieuwde voorwaarden de ongeveer 40 scalians in het Sarakreekgebied en op de Marowijnerivier toestemming te verlenen om per 1 september legaal goud te winnen. De scalianhouders mogen dus van de regering aanzienlijke schade toebrengen aan de biodiversiteit, om vooral de staatskas via in te houden belastingen te spekken.

(Bron foto: Hurleurs de Guyane)
De aap is uit de lange mouw van Dodsen gekropen. Het scalian-gedoogbeleid blijkt nu het geniepig voorspel te zijn voor scalian-acceptatiebeleid. Op social media wordt verontwaardigd gereageerd. Dorpshoofden reageren verontwaardigd, maar niet uit treurnis om het milieu, maar om het feit dat zij niet langer geld rechtstreeks gaan ontvangen van scalianhouders. En het WWF Guianas, Conservation International Suriname en die ene milieuactivist houden hun kaken stijf op elkaar.... de vermeende natuurbeschermers doen er het zwijgen toe.

Negentien eigenaren zijn geregistreerd. Sommigen hebben meerdere scalians. Volgens Dodson zijn er nur strakke regels voor het mijnen in het stuwmeergebied (omgeving Sarakreek) en in Marowijne.
* De scalians worden voorzien van een gps en een volgnummersysteem.
* Het is verboden met kwik te werken. Maar, hoe de bewindsman denkt te gaan controleren of al dan niet kwik wordt gebruikt is een grote vraag. Het is in het geval van scalians niet alleen kwik dat schadelijk is voor mens en milieu. Meerdere toxische stoffen zijn aanwezig op scalians en daarenboven wordt door het winningsproces de bodem van wateren omgewoeld met alle gevolgen voor het milieu.
* De privé-security op verschillende boten moet verdwijnen. De Commissie Ordening Goudsector wordt van stal gehaald, afgestoft, om voor de veiligheid op de scalians te zorgen.

Ruim 25 scalians zijn actief in het Marowijnegebied en ongeveer 10 ten oosten van het Stuwmeer (Sarakreek). Het gedeelte tussen de Sarakreek en Mamaini wordt ook opengesteld voor de scalians.
Verder gaan de eigenaren van de goudpontons niet meer rechtstreeks een bijdrage te geven aan de diverse dorpskassen. Dit systeem zou in de praktijk niet goed werken. Er is onderling vaak geen consensus over hoe het geld besteed moet worden. Per boot moet een bepaald bedrag via de centrale overheid (ministerie van Financiën) worden afgedragen. Het geld moet de gemeenschap ten goede komen, legde Dodson uit.

Dodson's eigenaardig scalian-'beleid'
Minister Dodson houdt er met betrekking tot de aanwezigheid van goudpontons/scalians in het Sarakreekgebied (die eerst met de nodige poeha en ophef en publicitaire aandacht van het Afobaka stuwmeer werden verwijderd – medio 2015 –, in beslag genomen zelfs, maar korte tijd daarna gewoon hun werkzaamheden mogen voortzetten in dat Sarakreekgebied, aan de onderzijde van het stuwmeer) en op de Marowijnerivier, een eigenaardig beleid op na. Een beleid dat bij menig Surinamer – begrijpelijk – kan leiden tot de vraag of er wellicht een verband is tussen dat vreemde beleid en enige persoonlijke betrokkenheid van deze bewindsman en/of personen in regeringskringen bij die (scalian)wereld, naast het innen van forse belastinggelden voor de staat Suriname.

Dat de eigenaren van die goudpontons toch destijds werd toegestaan om te mijnen, moest een reden hebben, daar moest iets achter zitten. Die indruk en die gedachte werden versterkt terugblikkend op de gang van zaken rond de scalians die hun voor de biodiversiteit vernietigende activiteiten uitvoerden op het Afobaka stuwmeer en die in september 2015 door Dodson – in aanwezigheid van camera's en microfoons van uitgenodigde media – gemaand werden het stuwmeer te verlaten, maar uiteindelijk werden toegestaan om gedurende twee jaren te werken in het Sarakreekgebied aan de onderzijde van het stuwmeer.

'Het is medio september 2015. Ik kan u de verzekering geven dat het fenomeen scaliantes op het stuwmeer definitief ten einde is.' Daadkrachtige woorden van Dodson tijdens een persconferentie op 15 september in het ministerie, woorden die enige tijd later geen enkele betrouwbare waarde bleken te hebben gehad.


De drijvende goudfabrieken werden 15 september in beslag genomen en de eigenaren werden verantwoordelijk gesteld voor de schade aan het milieu. De pontons werden weggesleept naar een centrale plek om ontmanteld te worden. Dodson ontving de nodige lovende woorden voor zijn doortastende optreden tegen de scalians. Zo vond het VHP-Assembleelid Mahinder Jogi, dus uit de oppositie, de minister 'dapper en moedig'.
Dodson liet op 5 oktober 2015 weten, dat de negen scalians die van het stuwmeer waren verwijderd, geen goudactiviteiten meer mochten ontplooien op open water.

Maar, in de eerste week van november 2015 kreeg een en ander een vreemde wending. De pontons van Pieter Peneux (JPP International NV), Soenil Kalloe (Maxi Goldmining) en Moreira Santos (Armadillo Mining NV), die samen negen scalians op het stuwmeer hadden - begonnen te dreigen de Staat voor de rechter te dagen.

'We hebben alle bewijs om aan te tonen dat wij niet illegaal op het stuwmeer bezig waren. Iedereen was op de hoogte, het werd gedoogd', zei Pieter Peneux namens de eigenaren. Uit documenten werd duidelijk, dat de scalians en hun werkzaamheden gedoogd werden door de overheid, de lokale bevolking, de Belastingdienst en de Commissie Ordening Goudsector.
Op dat moment, de eerste week van november, lagen de scalians al ruim twee maanden aan de ketting te Lebi Doti. De eigenaren waren geenszins van plan om de hen opgelegde boete te betalen. 'Dat vertikken wij, omdat op grond van alle bewijzen die we hebben het moeilijk is aan te nemen, dat wij deze boetes moeten betalen. We hebben altijd geprobeerd zaken legaal te doen', zei Peneux, die verder ook nog eens beweerde, dat de scalians niet vernietigend bezig zijn geweest op het stuwmeer. 'We hebben altijd bij kreken gewerkt en niet hard op het stuwmeer. Ik kan bewijzen, dat waar de scalians gewerkt hebben het gebied na zes weken weer schoon is. Met kwik werken we niet. Wij halen juist met het zuigen van het materiaal het kwik uit de bodem, kwik dat door de goudzoekers op land in het water is terechtgekomen. We maken juist schoon.'


Scalians kregen begin 2016 toestemming twee jaren te mijnen in Sarakreekgebied...
Na november 2015 werd het even stil rond de stuwmeer-scalians. Maar, op 1 januari 2016 werd bekend, dat de drie hiervoor genoemde eigenaren van scalians toestemming hadden gekregen van Dodson om in het zuidoostelijk deel van de Sarakreek in Brokopondo dredgen. Vijf scalians mochten in het hun toegewezen gebied opereren. Het zag er naar uit, dat de regering toch weer goud zoeken in open water ging gedogen, terwijl dat bij wet is verboden.
Dodson bevestigde, dat de drie ondernemers vooruitlopend op een nog te ontvangen landconcessie, toestemming hadden gekregen om te dredgen in de Sarakreek gedurende twee jaren ingaande 31 december 2015. De bewindsman zei verder, dat was afgesproken dat niemand meer in het stuwmeer naar goud mocht zoeken. De plek die was toegewezen, is ongeveer 20 kilometer verwijderd van het stuwmeer.

Hiermee was een einde gekomen aan het gehaal en getrek van de stuwmeer-scalians, waarvan de eigenaren aan het langste eind hebben getrokken en hebben aangetoond, dat de regering nu niet bepaald handig en verstandig heeft gehandeld, waardoor ze toch gewoon mochten mijnen in open water. Kortom, het gedoogbeleid werd gewoon gecontinueerd met als enige verschil dat de scalians zijn verplaatst van het stuwmeer naar het Sarakreekgebied.

Overigens was het vanzelfsprekend, dat de Fransen de (vermeende) 'ordening' toejuichten. Immers, de Fransen traden en treden al langere tijd wel daadkrachtig tegen scalians op hun wateren op. Zij worden zonder pardon vernietigd. Pontonhouders aan de Franse zijde van de Marowijnerivier die op de hoogte zijn van de komst van gendarmerie en het leger, nemen de benen, en verplaatsen hun scalians naar de Surinaamse zijde van de rivier, omdat zij weten dat Suriname niet optreedt....

Scalians die kwik opruimen...??
Dodson reageerde 19 januari 2018 op berichtgeving over scalians die toen actief waren op het stuwmeer. Hij beweerde glashard, dat de scalians geen werkzaamheden uitvoerden. 'Ze zijn het niet aan het vervuilen, ze ruimen integendeel de kwikresten op', aldus de toch wel ongeloofwaardige uitleg van de minister, over welke uitleg hij kennelijk dagen nodig had om mee naar buiten te komen.


De bewindsman stelde, dat vier scalians sinds december 2017 op vier verschillende locaties in het Stuwmeergebied het kwik aan het zuigen waren uit het water. 'Door het zuigen en verwerken van de kwik laat de scalian vuil water achter. Dit hoeft geen probleem te zijn, aangezien het water zichzelf weer reinigt', zei Dodson.
De uitleg werd met hoongelach ontvangen.
Dit was het zoveelste voorbeeld van het zwalkende en ongeloofwaardige beleid inzake scalians.

Geen verrassing
Dat Dodson dus nu, drie jaren na de 'stuwmeer-affaire' en na een constante informatiestroom over de aanwezigheid van scalians op het stuwmeer en (vele) op de Marowijnerivier, groen licht heeft gegeven aan scalianeigenaren mag dus geen verrassing zijn.

De regering heeft simpelweg al jaren een onzichtbare financiële vinger in de scalian-goud-pap. De regering lijkt vanwege economische belangen verstrikt te zijn in de handel en wandel van scalianhouders.

Hoogachtend,
Den Blauwvinger
26 augustus 2018
Paramaribo – Suriname

vrijdag 24 augustus 2018

Scalians kunnen op verzet rekenen in omgeving Langatabiki en Lebi Doti

Dorpen accepteren niet dat opbrengsten scalians niet meer worden afgedragen aan dorpskas


Dignitarissen uit het binnenland waar scalians opereren zullen niet tolereren, dat de opbrengsten niet meer worden afgedragen aan de dorpen. Minister Regilio Dodson van Natuurlijke Hulpbronnen zei zondag na een gesprek met scalianhouders, dat de goudondernemers geen geld meer zullen stoppen in de kas van de dorpen en districtsfondsen. Hij ziet namelijk geen ontwikkeling op gang komen, zo bericht vandaag, vrijdag 24 augustus 2018, de Ware Tijd..

Dorpelingen kunnen volgens hem onder meer geen overeenstemming bereiken over de besteding van het geld. Dat zal voortaan rechtstreeks gestort worden op rekening van de centrale overheid die het zal kanaliseren naar de ministeries voor projecten in de dorpen.

Hoofdbasya George van Dun van Langatabiki kan zich niet vinden in de zienswijze van de minister. 'We gaan dan de scalianhouders wegjagen. Zolang ze werken in onze omgeving, moeten ze bijdragen.'

Er was afgesproken, dat elke scalian per week vijf gram goud zou afdragen. In zijn omgeving werken drie van die goudpontons. 'Niet altijd houden de goudondernemers zich aan de afspraken en soms krijgen we na drie weken de betaling, terwijl er langer is gewerkt. Er wordt meestal geklaagd dat ze geen goud hebben gevonden', stelt de hoofdbasya. Volgens hem wordt het geld gebruikt voor onder meer dede oso, begrafenis of het transporteren van zieke mensen naar Paramaribo. 'We weten wel wat we met geld moeten doen', zegt Van Dun.

André Baabo, basja van Lebi Doti in het Sarakreekgebied, ontkent dat dorpen geen consensus bereiken over de besteding van het geld. 'Laat de minister met ons komen praten en we zullen hem erop wijzen wat we allemaal hebben gedaan.'

Hij had graag gezien, dat Dodson de dorpen op de hoogte had gesteld dat ze geen geld meer zullen krijgen. 'Mochten de scalians niet meer werken dan hoeven de eigenaren ons niets te geven, maar als ze doorgaan met hun activiteiten, dienen ze hun bijdrage te leveren', stelt Baabo.