donderdag 18 december 2014

VS wil Suriname ondersteunen bij pogingen kwik uit te bannen van goudvelden

Amerika ziet graag dat Suriname internationaal anti-kwik Minamata Verdrag tekent


De Amerikaanse ambassade belegde gisteren een persconferentie met en voor vertegenwoordigers van verschillende Surinaamse organisaties die zich bezighouden met het uitbannen van het gebruik van kwik. Dr. Jane Dennison van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken en een expert op het gebied van het gebruik van kwik bij groot- en kleinschalige delving van goud gerelateerd aan het VN Minamata Verdrag, stond het aanwezige journaille te woord om aan te geven wat haar missie in Suriname precies inhoudt. Dat bericht het Dagblad Suriname vandaag, donderdag 18 december 2014.

Het Minimata Verdrag buigt zich over erkenning van de wezenlijke lessen van de Minamataziekte  en de noodzaak om een goed beheer van kwik te waarborgen en om dergelijke gebeurtenissen in de toekomst te voorkomen.

De Minamataziekte is een neurologisch syndroom dat veroorzaakt wordt door een zware kwikvergiftiging. De symptomen zijn ataxia (gevoelloosheid in handen en voeten), spierverzwakking, vernauwing van het gezichtsveld en aantasting van het gehoor en het spraakvermogen. In extreme gevallen veroorzaakt het krankzinnigheid, verlamming, coma of de dood. Bij zwangere vrouwen heeft het ook invloed op de foetus.

De ziekte is genoemd naar de Japanse vissersplaats Minamata waar deze in 1956 voor het eerst gezien werd. Inwoners kregen in grote aantallen de bovenstaande symptomen. In de jaren daarna bleek dat de oorzaak gelegen was in het eten van lokaal gevangen vis en schelpdieren: hierin had zich jarenlang methylkwik opgehoopt dat was geloosd door een nabijgelegen fabriek

Het verdrag is het eerste verdrag dat specifiek kwik als zwaar metaal zal aanpakken. Het doel van dit verdrag is het beschermen van de menselijke gezondheid en het milieu tegen antropogene emissies en lozingen van kwik en kwikverbindingen. De bepalingen van het verdrag richten zich op het verbod op het mijnen met en van kwik, na toetreding tot het verdrag. Elke partij die kwik gebruikt in de goudmijnbouw dient vóór de datum van toetreding voor een periode van maximaal 15 jaar het gebruik van kwik bij het mijnen uitgebannen te hebben.

Het Minimata-verdrag is nog niet in werking getreden vanwege het ontbreken van de vereiste 50 ratificaties. Het verdrag is door slechts negen landen geratificeerd en door 128 landen getekend. Suriname is nog geen partij bij het verdrag. De bedoeling de missie van Dennison is om in feite Suriname te ondersteunen om richting het tekenen van het verdrag te gaan.

Dennison gaf aan dat zij met haar technische medewerkers naar Suriname is gekomen om een overzicht te verkrijgen van de Surinaamse situatie. Dennison gaf aan, dat de situatie van land tot land verschilt. Haar bevinding tot nu toe is, dat Suriname op het juiste spoor is met betrekking tot het gebruik van kwik.

Zij is van oordeel, dat Suriname door het tekenen van het Minimata Verdrag een heel goed voorbeeld zou kunnen zijn voor andere landen die het ook nog niet hebben gegaan. Dennison vertrekt morgen al weer uit Suriname, maar zegt dat haar technische medewerkers wel terugkomen om het werk voort te zetten.

In de eerste week van november bezocht ze met hetzelfde doel nog Mongolië. 

De tekst van het Minamata Verdrag:



(Red. De Surinaamse Krant/Dagblad Suriname)

VS wil Suriname ondersteunen bij pogingen kwik uit te bannen van goudvelden

Amerika ziet graag dat Suriname internationaal anti-kwik Minamata Verdrag tekent


De Amerikaanse ambassade belegde gisteren een persconferentie met en voor vertegenwoordigers van verschillende Surinaamse organisaties die zich bezighouden met het uitbannen van het gebruik van kwik. Dr. Jane Dennison van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken en een expert op het gebied van het gebruik van kwik bij groot- en kleinschalige delving van goud gerelateerd aan het VN Minamata Verdrag, stond het aanwezige journaille te woord om aan te geven wat haar missie in Suriname precies inhoudt. Dat bericht het Dagblad Suriname vandaag, donderdag 18 december 2014.

Het Minimata Verdrag buigt zich over erkenning van de wezenlijke lessen van de Minamataziekte  en de noodzaak om een goed beheer van kwik te waarborgen en om dergelijke gebeurtenissen in de toekomst te voorkomen.

De Minamataziekte is een neurologisch syndroom dat veroorzaakt wordt door een zware kwikvergiftiging. De symptomen zijn ataxia (gevoelloosheid in handen en voeten), spierverzwakking, vernauwing van het gezichtsveld en aantasting van het gehoor en het spraakvermogen. In extreme gevallen veroorzaakt het krankzinnigheid, verlamming, coma of de dood. Bij zwangere vrouwen heeft het ook invloed op de foetus.

De ziekte is genoemd naar de Japanse vissersplaats Minamata waar deze in 1956 voor het eerst gezien werd. Inwoners kregen in grote aantallen de bovenstaande symptomen. In de jaren daarna bleek dat de oorzaak gelegen was in het eten van lokaal gevangen vis en schelpdieren: hierin had zich jarenlang methylkwik opgehoopt dat was geloosd door een nabijgelegen fabriek

Het verdrag is het eerste verdrag dat specifiek kwik als zwaar metaal zal aanpakken. Het doel van dit verdrag is het beschermen van de menselijke gezondheid en het milieu tegen antropogene emissies en lozingen van kwik en kwikverbindingen. De bepalingen van het verdrag richten zich op het verbod op het mijnen met en van kwik, na toetreding tot het verdrag. Elke partij die kwik gebruikt in de goudmijnbouw dient vóór de datum van toetreding voor een periode van maximaal 15 jaar het gebruik van kwik bij het mijnen uitgebannen te hebben.

Het Minimata-verdrag is nog niet in werking getreden vanwege het ontbreken van de vereiste 50 ratificaties. Het verdrag is door slechts negen landen geratificeerd en door 128 landen getekend. Suriname is nog geen partij bij het verdrag. De bedoeling de missie van Dennison is om in feite Suriname te ondersteunen om richting het tekenen van het verdrag te gaan.

Dennison gaf aan dat zij met haar technische medewerkers naar Suriname is gekomen om een overzicht te verkrijgen van de Surinaamse situatie. Dennison gaf aan, dat de situatie van land tot land verschilt. Haar bevinding tot nu toe is, dat Suriname op het juiste spoor is met betrekking tot het gebruik van kwik.

Zij is van oordeel, dat Suriname door het tekenen van het Minimata Verdrag een heel goed voorbeeld zou kunnen zijn voor andere landen die het ook nog niet hebben gegaan. Dennison vertrekt morgen al weer uit Suriname, maar zegt dat haar technische medewerkers wel terugkomen om het werk voort te zetten.

In de eerste week van november bezocht ze met hetzelfde doel nog Mongolië. 

De tekst van het Minamata Verdrag:



(Red. De Surinaamse Krant/Dagblad Suriname)

woensdag 17 december 2014

Mineração na Colômbia: riscos, ilegalidade e pobreza

Mineração na Colômbia: riscos, ilegalidade e pobreza


Orillas
A mineração ilegal, que representa 60% da produção da Colômbia, já causou a morte de mais de 216 pessoas entre 2008 e 2011

16-12-2014  Por Critstina Fontenele, Brasil de Fato


A mineração ilegal, que representa 60% da produção da Colômbia (em Bogotá, a maioria dos canteiros é ilegal), já causou a morte de mais de 216 pessoas (2008-2011). Só em 2014, morreram mais de 80 mineiros, incluindo a tragédia mais recente, em 30 de outubro deste ano, na mina da cidade de Amagá, Estado de Antioquia, a 240 quilômetros de Bogotá, quando 12 homens ficaram presos após a inundação de uma área de exploração.

São irregularidades graves e condições preocupantes de saúde e de trabalho, como emprego de mão de obra infantil (200 mil crianças em 2003); falta de equipes e de programas de segurança industrial; ausência de ventilação nas carvoarias; proliferação de doenças e acidentes de trabalho; ausência de engenheiros ou geólogos para dirigirem a saúde ocupacional nas minas; situação de contrabando e escravidão; crescente evasão fiscal; e sérios danos ambientais, principalmente pelo ouro e mercúrio.

O setor em números
De acordo com o Plano Nacional do Desenvolvimento (2010–2014), na Colômbia, existem mais de 14 mil unidades de produção mineradora. Durante a última década, o setor teve um crescimento médio anual de 4,5% (2,3% em 2012), com uma participação no PIB [Produto Interno Bruto] em torno de 6,7%. As exportações de minerais somaram US$ 12,8 milhões em 2012, representando 21,3% das exportações nacionais.

De acordo com dados do Setor da Mineração em Grande Escala (SMGE), a Colômbia é o primeiro produtor mundial de esmeraldas, o primeiro em produção de carbono na América Latina (e o nono no mundo) e o nono produtor mundial de níquel.

No país, são mais de 9 mil títulos inscritos no Registro Minerador Nacional, sendo alguns situados em parques nacionais e reservas indígenas. Um total de 19 mil solicitações está em curso, das quais 90% são rejeitadas pela Agência Nacional de Mineração (ANM).

A produção dos produtos da mineração concentra-se em sete dos 33 departamentos do país. O petróleo em Casanare, o carvão nos departamentos de Cesar e La Guajira, o ouro em Antioquia e Chocó, e o ferro-níquel em Córdoba.

Mineração e organizações criminosas
A mineração ilegal é suspeita de ser um veículo de lavagem de dinheiro para organizações criminosas na Colômbia. Estima-se que dos US$ 36 bilhões do dinheiro ilegal que circula no país, US$ 10 bilhões sejam oriundos da mineração ilegal. As Forças Armadas Revolucionárias da Colômbia (Farc), o Exército de Liberação Nacional (ELN), grupos paramilitares e grupos criminosos emergentes (Bacrim) usariam também a exploração ilegal de ouro e carvão para financiarem suas atividades.

Segundo um estudo da extinta Direção Administrativa de Segurança (DAS), as Farc seriam responsáveis por extorquirem departamentos como Bolívar, Caquetá, Casanare, Cauca, Guanía, Putumayo e Tolima; já o ELN exploraria mineiros nos departamento de Bolívar, Nariño e Santander; enquanto o grupo paramilitar Bacrim atuaria nos departamentos de Antioquia, Córdoba, La Guajira e Valle del Cauca.

São comuns também extorsões, sequestros de trabalhadores, ataques às estruturas das companhias extrativistas, além de novas formas mais sofisticadas de pressão, como alianças das companhias com grupos criminosos em troca de proteção, as chamadas "campanhas de limpeza social”.

Apesar das altas cifras movimentadas pelo setor de mineração, a pobreza é uma situação contrastante nas regiões onde se pratica a mineração. O que se conclui que a geração de riquezas não é condição suficiente para garantir o desenvolvimento regional integral. É necessário que sejam geradas oportunidades adequadas para a população local superar a condição de pobreza.

De acordo com o relatório Mineração na Colômbia: Institucionalidade e território, paradoxos e conflitos, produzido pelo economista Luis Jorge Garay e apoiado pela Controladoria Geral da República, para avançar numa nova visão sobre a mineração na Colômbia, são imprescindíveis medidas, como O Estado recuperar a governança do setor minerador; um novo acordo social entre sociedade e governo, que deve ouvir as diferentes posições de políticas para o segmento; um modelo de mineração mais inclusivo; uma política extrativista com visão integral, analisando, além dos impactos ambientais, sociais e econômicos, também os impactos éticos e culturais.

Com informações de Las 2 Orillas.

Mineração na Colômbia: riscos, ilegalidade e pobreza

Mineração na Colômbia: riscos, ilegalidade e pobreza


Orillas
A mineração ilegal, que representa 60% da produção da Colômbia, já causou a morte de mais de 216 pessoas entre 2008 e 2011

16-12-2014  Por Critstina Fontenele, Brasil de Fato


A mineração ilegal, que representa 60% da produção da Colômbia (em Bogotá, a maioria dos canteiros é ilegal), já causou a morte de mais de 216 pessoas (2008-2011). Só em 2014, morreram mais de 80 mineiros, incluindo a tragédia mais recente, em 30 de outubro deste ano, na mina da cidade de Amagá, Estado de Antioquia, a 240 quilômetros de Bogotá, quando 12 homens ficaram presos após a inundação de uma área de exploração.

São irregularidades graves e condições preocupantes de saúde e de trabalho, como emprego de mão de obra infantil (200 mil crianças em 2003); falta de equipes e de programas de segurança industrial; ausência de ventilação nas carvoarias; proliferação de doenças e acidentes de trabalho; ausência de engenheiros ou geólogos para dirigirem a saúde ocupacional nas minas; situação de contrabando e escravidão; crescente evasão fiscal; e sérios danos ambientais, principalmente pelo ouro e mercúrio.

O setor em números
De acordo com o Plano Nacional do Desenvolvimento (2010–2014), na Colômbia, existem mais de 14 mil unidades de produção mineradora. Durante a última década, o setor teve um crescimento médio anual de 4,5% (2,3% em 2012), com uma participação no PIB [Produto Interno Bruto] em torno de 6,7%. As exportações de minerais somaram US$ 12,8 milhões em 2012, representando 21,3% das exportações nacionais.

De acordo com dados do Setor da Mineração em Grande Escala (SMGE), a Colômbia é o primeiro produtor mundial de esmeraldas, o primeiro em produção de carbono na América Latina (e o nono no mundo) e o nono produtor mundial de níquel.

No país, são mais de 9 mil títulos inscritos no Registro Minerador Nacional, sendo alguns situados em parques nacionais e reservas indígenas. Um total de 19 mil solicitações está em curso, das quais 90% são rejeitadas pela Agência Nacional de Mineração (ANM).

A produção dos produtos da mineração concentra-se em sete dos 33 departamentos do país. O petróleo em Casanare, o carvão nos departamentos de Cesar e La Guajira, o ouro em Antioquia e Chocó, e o ferro-níquel em Córdoba.

Mineração e organizações criminosas
A mineração ilegal é suspeita de ser um veículo de lavagem de dinheiro para organizações criminosas na Colômbia. Estima-se que dos US$ 36 bilhões do dinheiro ilegal que circula no país, US$ 10 bilhões sejam oriundos da mineração ilegal. As Forças Armadas Revolucionárias da Colômbia (Farc), o Exército de Liberação Nacional (ELN), grupos paramilitares e grupos criminosos emergentes (Bacrim) usariam também a exploração ilegal de ouro e carvão para financiarem suas atividades.

Segundo um estudo da extinta Direção Administrativa de Segurança (DAS), as Farc seriam responsáveis por extorquirem departamentos como Bolívar, Caquetá, Casanare, Cauca, Guanía, Putumayo e Tolima; já o ELN exploraria mineiros nos departamento de Bolívar, Nariño e Santander; enquanto o grupo paramilitar Bacrim atuaria nos departamentos de Antioquia, Córdoba, La Guajira e Valle del Cauca.

São comuns também extorsões, sequestros de trabalhadores, ataques às estruturas das companhias extrativistas, além de novas formas mais sofisticadas de pressão, como alianças das companhias com grupos criminosos em troca de proteção, as chamadas "campanhas de limpeza social”.

Apesar das altas cifras movimentadas pelo setor de mineração, a pobreza é uma situação contrastante nas regiões onde se pratica a mineração. O que se conclui que a geração de riquezas não é condição suficiente para garantir o desenvolvimento regional integral. É necessário que sejam geradas oportunidades adequadas para a população local superar a condição de pobreza.

De acordo com o relatório Mineração na Colômbia: Institucionalidade e território, paradoxos e conflitos, produzido pelo economista Luis Jorge Garay e apoiado pela Controladoria Geral da República, para avançar numa nova visão sobre a mineração na Colômbia, são imprescindíveis medidas, como O Estado recuperar a governança do setor minerador; um novo acordo social entre sociedade e governo, que deve ouvir as diferentes posições de políticas para o segmento; um modelo de mineração mais inclusivo; uma política extrativista com visão integral, analisando, além dos impactos ambientais, sociais e econômicos, também os impactos éticos e culturais.

Com informações de Las 2 Orillas.

Afsluiting wegen naar Roma-goudput onzeker geworden - Aanvaring president Bouterse met zijn eigen commissie

President Bouterse zou afsluiting voorlopig niet door willen laten gaan

Makamboa heeft met president gesproken over problemen rond porknokkers en Roma


Of alle wegen die naar de Roma-goudput van het Canadese goudmijnbedrijf IAmGold leiden binnenkort worden afgesloten, is nog onduidelijk. Door die maatregel kan er geen voedsel en brandstof vervoerd worden naar het gebied waar goudzoekers van Nieuw Koffiekamp illegaal werken op de concessie van IAmGold/Rosebel Gold Mines NV. 

Jurger Plein, secretaris van Makamboa, de organisatie waarin de goudzoekers zich hebben verenigd, zegt vandaag, woensdag 17 december 2014, dat zij onlangs een kort gesprek heeft gehad met president Desi Bouterse. Omdat het staatshoofd niet te lang kon blijven, heeft hij de goudzoekers gezegd dat er binnenkort een gesprek met hen volgt.

Volgens Plein heeft de president gezegd, dat hij Melvin Linscheer, directeur van het Bureau Nationale Veiligheid en lid van de Commissie Ordening Goudsector, zal vragen om de geplande actie tegen de goudzoekers  voorlopig stop te zetten. Een speciale eenheid, bestaande uit manschappen van de politie,  het Nationaal Leger en de Commissie Ordening Goudsector Suriname zou de wegen afsluiten.

Gerold Dompig van de commissie beweert echter geen opdracht te hebben gekregen van hogerhand. 'We gaan door met onze voorbereidingen, want ik krijg mijn opdracht rechtstreeks  van het Kabinet van de President.'

Rosebel, Makamboa en president Bouterse kwamen op 7 februari dit jaar overeen dat de lokale bevolking nog drie maanden naar goud mocht mijnen in de concessie van IAmGold/Rosebel. Die termijn werd steeds, verlengd omdat de weg naar het gebied, dat aan de illegale goudzoekers is toegewezen, niet af was. Ook moest er onderzoek verricht worden naar goudvoorkomens in het gebied.

De  Geologisch Mijnbouwkundige Dienst heeft volgens Dompig al kunnen vaststellen dat er goud  is in het gebied. Ook is de weg al voltooid. Deze zaken worden steeds weersproken door Makamboa en die wil daarom langer in de Roma-goudput blijven.

Afsluiting wegen naar Roma-goudput onzeker geworden - Aanvaring president Bouterse met zijn eigen commissie

President Bouterse zou afsluiting voorlopig niet door willen laten gaan

Makamboa heeft met president gesproken over problemen rond porknokkers en Roma


Of alle wegen die naar de Roma-goudput van het Canadese goudmijnbedrijf IAmGold leiden binnenkort worden afgesloten, is nog onduidelijk. Door die maatregel kan er geen voedsel en brandstof vervoerd worden naar het gebied waar goudzoekers van Nieuw Koffiekamp illegaal werken op de concessie van IAmGold/Rosebel Gold Mines NV. 

Jurger Plein, secretaris van Makamboa, de organisatie waarin de goudzoekers zich hebben verenigd, zegt vandaag, woensdag 17 december 2014, dat zij onlangs een kort gesprek heeft gehad met president Desi Bouterse. Omdat het staatshoofd niet te lang kon blijven, heeft hij de goudzoekers gezegd dat er binnenkort een gesprek met hen volgt.

Volgens Plein heeft de president gezegd, dat hij Melvin Linscheer, directeur van het Bureau Nationale Veiligheid en lid van de Commissie Ordening Goudsector, zal vragen om de geplande actie tegen de goudzoekers  voorlopig stop te zetten. Een speciale eenheid, bestaande uit manschappen van de politie,  het Nationaal Leger en de Commissie Ordening Goudsector Suriname zou de wegen afsluiten.

Gerold Dompig van de commissie beweert echter geen opdracht te hebben gekregen van hogerhand. 'We gaan door met onze voorbereidingen, want ik krijg mijn opdracht rechtstreeks  van het Kabinet van de President.'

Rosebel, Makamboa en president Bouterse kwamen op 7 februari dit jaar overeen dat de lokale bevolking nog drie maanden naar goud mocht mijnen in de concessie van IAmGold/Rosebel. Die termijn werd steeds, verlengd omdat de weg naar het gebied, dat aan de illegale goudzoekers is toegewezen, niet af was. Ook moest er onderzoek verricht worden naar goudvoorkomens in het gebied.

De  Geologisch Mijnbouwkundige Dienst heeft volgens Dompig al kunnen vaststellen dat er goud  is in het gebied. Ook is de weg al voltooid. Deze zaken worden steeds weersproken door Makamboa en die wil daarom langer in de Roma-goudput blijven.

zaterdag 6 december 2014

SEMiF steunt 'strijd' tegen gebruik kwik

Stichting richt zich op ondersteunen milieuvriendelijk winnen natuurlijke hulpbronnen


De Suriname Environmental and Mining Foundation (SEMiF) heeft zo'n 130.000 Amerikaanse dollar beschikbaar gesteld voor twee projecten voor bewustwording van de bevolking over het gebruik en de gevolgen van kwik. De SEMiF is vandaag, zaterdag 6 december 2014, een samenwerking aangegaan met de Stichting voor Ontwikkeling Radio & TV in Suriname (SORTS) en The Back Lot. In dat kader vond ook de ondertekening plaats van twee projectplannen, aldus bericht de Ware Tijd Online.

Voorzitter Nalini Nandlal van SEMiF zei, dat voor het project van SORTS 78.000 Amerikaanse dollar beschikbaar is gesteld. Het betreft een bewustwordingsprogramma over en voor kleine goudzoekers in de binnenlandse gemeenschappen met betrekking tot professioneel en milieuvriendelijk goudwinnen. Dit project duurt acht maanden.

'SORTS beoogt met het project onder andere bewustwording op het gebied van milieu, educatie, gezondheid en goudwinningstechnieken bij onder andere goudzoekers en de schooljeugd te vergroten.'

SEMiF dekt als hoofddonor met 50.000 Amerikaanse dollar ook nog een deel van de financiering van de NO KWIK campagne.

De NO KWIK campagne werd op 2 december gelanceerd. 'Het betreft mobilisatie van de bevolking voor een kwikveilig Suriname.' De duur van het project is gesteld op tien maanden.

De bronnen van SEMiF vloeien voort uit donaties gedaan door Rosebel Gold Mines. SEMiF houdt zich bezig met het promoten, ondersteunen en bevorderen van milieuvriendelijk en verantwoordelijk ontwikkelen van natuurlijke hulpbronnen in Suriname.

Noot:
Eindelijk begint Suriname wakker te worden en worden publiciteitscampagnes georganiseerd om te wijzen op de risico's van het gebruik van kwik in de kleinschalige goudwinning. Het werd tijd. Overigens is de informatie op de website van No Kwik over kwik nog te summier. Mij bekruipt ook het gevoel dat veel 'bekende' Surinamers de No Kwik-campagne steunen ter eigen glorie. Waarschijnlijk weten negen van de tien van deze Surinamers nauwelijks wat kwik is, laat staan wat de risico's ervan zijn. Neemt niet weg, dat het goed is dat er eindelijk eens bewustwordingscampagnes worden gestart.
Wat doen de campagnes tegen het gebruik van kwik in de kleinschalige goudwinning tegen het gevoerde regeringsbeleid? De regering gedoogd immers nog steeds het gebruik van kwik en ook de aanwezigheid van goudpontons, die kwik gebruiken, in rivieren en op het stuwmeer? Bewustwordingscampagnes zijn prima, en die werden ook tijd, maar effectieve actie gericht tegen het regeringsbeleid zou parallel gevoerd moeten worden, wil je echt iets als organisatie bereiken. Nu lijkt het vooral erop dat veel mensen deelnemen aan de No Kwik-campagne ter eigen glorie en eer.